milieu

TU Eindhoven niet in top-3 duurzaamste onderwijsgebouwen

Wednesday, December 7th, 2016

Door: Stef Arends en Valerie Heegstra

Het hoofdgebouw van de Technische Universiteit Eindhoven wordt niet het meest duurzame onderwijsgebouw ter wereld. Het artikel op TU-nieuwssite Cursor dat dat beweerde, bleek een mix van nieuws en PR-berichtgeving.

Op 26 september van dit jaar kwam ‘dé onafhankelijke nieuwssite voor de Technische Universiteit Eindhoven’ Cursor naar buiten met groot nieuws: ‘Atlas na renovatie duurzaamste onderwijsgebouw ter wereld’. BN De Stem, Eindhovens Dagblad en Brabants Dagblad namen dit bericht al gauw over. De onderbouwing van de claim bleek na het lezen van het volledige stuk echter nauwelijks aanwezig. Sterker nog, de claims die in de rest van het artikel gemaakt werden, waren een stuk minder indrukwekkend en hadden veel weg van een soort ‘terugkrabbelen’. Zinsnedes als ‘het zuinigste gebouw van de TU/e’ en  ‘het hoogst haalbare duurzaamheidspredicaat outstanding’, zijn verdacht omdat ze zwakkere claims maken dan die in de claim in de kop. Tijd voor een kritische check.

BREEAM-score

Het hoofdgebouw van de TU/e heeft dus het hoogst haalbare duurzaamheidspredicaat volgens de richtlijnen van Building Research Environmental Assessment Method (BREEAM). Deze score is internationaal de meest gebruikte duurzaamheidsscore voor bouwprojecten. De kwalificatie ‘outstanding’ krijgt men wanneer een score is behaald van boven de 85%. Gebouw ‘Atlas’ heeft een score van 93,86% behaald. Dat het hoofdgebouw van de TU/e na renovatie ruimschoots in de hoogste BREEAM-categorie valt, klopt dus. Maar zijn er niet meer onderwijsgebouwen die ook in die categorie vallen en zelfs hogere scores hebben?

Outstanding?

Doordat de BREEAM-score internationaal aanzien geniet, is grotendeels openbaar gemaakt welke onderwijsgebouwen nog meer het ‘outstanding’-predicaat hebben verworven. Op de site staan ook de specifieke scores vermeld en is dus precies zichtbaar welke instellingen een hogere BREEAM-score dan 93,86% hebben behaald. Dat zijn er minstens drie, waarvan ook BREEAM Worldwide ons bevestigt dat bovenstaande gebouwen duurzamer zijn dan het gebouw van de TU/e:

94,11%: Sustainable Student Village, Bradford University (UK)

94,94%: University of Bradford- Sustainability & Enterprise Centre (UK)

95,19%: Bright Building University of Bradford (UK)

Navraag bij Cursor leert dat met de kop ‘meest duurzame onderwijsgebouw ter wereld’ bedoeld werd dat Atlas het meest duurzame gerenoveerde gebouw zou worden. Na controleren van de BREEAM-lijst blijkt dat die claim klopt. Echter, dat is iets heel anders dan ‘het meest duurzame onderwijsgebouw’ in het algemeen. Gerenoveerde onderwijsgebouwen staan niet bekend om hun duurzaamheid en volgens de lijst van BREEAM is de nummer twee in de lijst van meest duurzame gerenoveerde onderwijsgebouwen een constructie met een score van slechts 79%. Dat is nog niet eens genoeg om in de categorie ‘outstanding’ te vallen. Zo’n grote prestatie is het dus niet om de koploper te zijn in die lijst van gerestaureerde bouwwerken.

Nauwe banden met de PR-afdeling

Hoe kan het dat een onafhankelijke nieuwssite als Cursor.nl zo’n slordig bericht plaatst, dat zo overdreven positief is over de duurzaamheidsprestaties van de TU/e? Volgens eindredacteur Brigit Span heeft Cursor het bericht overgenomen van de afdeling persvoorlichting van de universiteit. Hoofdredacteur Han Konings bevestigt dat er geregeld berichten van de persdienst van de universiteit worden doorgeplaatst op de Cursor-site ‘maar dat wordt dan altijd vermeld onder het bericht’. Cursor is weliswaar onderdeel van het Communicatie Expertise Centrum van de TU/e en zit met de persvoorlichters in één ruimte, maar volgens Konings blijft de nieuwssite een onafhankelijke eenheid. Wanneer we hem confronteren met het feit dat bij het nieuwsbericht over gebouw Atlas géén melding is gemaakt van de persdienst als bron, laat hij weten dat redacteur Monique van de Ven waarschijnlijk zelf nog een hoop aan het bericht van de persdienst had gesleuteld, maar de kop intact had gehouden: ‘Monique heeft de kop inderdaad met Ivo [persvoorlichter, red.] overlegd, de persdienst wil alles natuurlijk toch even nét iets mooier maken. Het staat daar nu inderdaad niet correct geformuleerd.’

De consequenties

Ook al is het volgens Konings niet problematisch dat Cursor in dezelfde ruimte is gehuisvest als de dienst persvoorlichting, dit lijkt wel de verklaring voor de slordige promo-berichtgeving. Het stuk van Van de Ven over gebouw Atlas zat solide in elkaar. Er stonden minder boude claims in dan in de kop en die claims werden voldoende onderbouwd. De kop die daar bij is geplaatst, doet de nuance uit het artikel teniet. Zoals bekend is de kop het best gelezen onderdeel van menig artikel, en ook in dit geval zijn de gevolgen van het gebrek aan nuance niet gering.

Het Eindhovens Dagblad (ED) heeft de kop nog iets meer gesimplificeerd en het woord ‘renovatie’ er volledig uit weggehaald. Vanwege de nauwe bedrijfsmatige banden tussen het ED, het Brabants Dagblad en BN De Stem is het artikel met exact dezelfde kop doorgeplaatst op die media. Michel Teeuwen, redacteur van het ED en auteur van het artikel over het hoofdgebouw, reageert onaangedaan op de vraag of de boodschap in de kop wel klopt: ‘Dat is erg moeilijk te controleren. Weet je, je hebt wel vaker van die claims van organisaties over duurzaamheid en je kunt het bijna nooit echt checken. Bij zoiets als de TU/e neem ik dat dan gewoon over en vermeld ik er duidelijk bij dat dit een claim van de TU/e is, en niet van mij.’

Deze opmerking heeft veel weg van die van Cursor-redacteur Han Konings en het waarheidsgehalte is ook vergelijkbaar, want op de website van het ED is geen spoor te vinden van enige vorm van voorbehoud. In het artikel wordt glashard beweerd dat het hoofdgebouw het meest duurzame onderwijsgebouw zal worden, zonder dat dat tussen aanhalingstekens staat of dat erbij vermeld wordt dat het om een claim van de TU/e gaat.

Er is een verschil tussen de praktijk van de journalistieke verslaggeving over de universiteit en de beweringen van journalisten over hoe het zou moeten gaan. Het lijkt erop dat de betrokken redacteuren allen met de beste bedoelingen betrouwbaar nieuws wilden produceren, maar dat dit door tijdgebrek, een ongelukkige werkplek of een te nauwe band met andere ‘media-merken’ onmogelijk werd gemaakt. Hoe dan ook, Atlas wordt vast mooi, maar voor écht duurzame gebouwen moeten we in het Verenigd Koninkrijk zijn.

Paniek: er is straks écht te weinig koffie

Thursday, October 29th, 2015

Door: Shannon Bakker en Ali Şahin

Op 3 oktober bracht de Belgische nieuwssite Het Laatste Nieuws een bericht onder de schokkende  kop: “Paniek: is er binnenkort te weinig koffie in de wereld?” In het stuk beweert Andrea Illy, CEO van koffieproducent Illycaffè dat er al in het volgende decennium een tekort aan koffie zal ontstaan. Illy: “We consumeren allemaal steeds meer koffie. Als het zo doorgaat, zullen we het volgende decennium een extra 40 tot 50 miljoen zakjes koffie nodig hebben om iedereen te bevoorraden. En dat is meer dan wat we momenteel kunnen produceren.” Maar klopt het wel dat de koffie op gaat raken? Gaan we echt zoveel meer koffie drinken?

Laten we om deze vraag te beantwoorden eerst kijken naar de huidige trends. De organisatie die hier de meest betrouwbare cijfers over heeft is de ICO (International Coffee Organisation). Dit is een organisatie voor koffieproducerende en -importerende landen. De ICO werd in 1963 onder toezicht van de VN opgericht. Uit cijfers van de ICO blijkt dat de wereldwijde koffieconsumptie de afgelopen vier jaar met gemiddeld 2,3 procent steeg.  In 2014 werden er 149 miljoen zakken koffie van 60 kg verbruikt. Als de trend zich doorzet, zijn er in 2025 187 miljoen zakken koffie nodig. Dat zijn 38 miljoen extra zakken en dit komt dus aardig in de buurt van de 40 tot 50 miljoen zakken waar Illy over sprak.

Er is nog wel één bezwaar tegen deze berekening. Dat is dat vier jaar een nogal korte periode is om een voorspelling mee te doen voor 2025. Vorig jaar steeg de consumptie bijvoorbeeld maar met 1,1 procent. Wanneer je met dít percentage een voorspelling doet, wordt het aantal extra benodigde koffiezakken ruim gehalveerd. Wel kunnen we voor nu zeggen dat de koffieconsumptie inderdaad stijgt. En dat het in de toekomst niet onwaarschijnlijk is dat er flink meer koffie zal moeten worden geproduceerd om deze groei bij te houden.

Klimaatverandering

Maar is het dan niet mogelijk om gewoon meer koffie te gaan verbouwen? Bij de beantwoording van deze vraag stuiten we op een nog veel groter gevaar voor ons dagelijkse kopje koffie. En dat is klimaatverandering. Onderzoek naar koffieproductie in Tanzania heeft aangetoond dat de opbrengst van één hectare landbouwgrond met bijna 17 kg daalt wanneer de gemiddelde nachttemperatuur met één graad stijgt.

Volgens Ken Giller, professor Plant Production Systems aan de universiteit van Wageningen is het waarschijnlijk dat ook buiten Tanzania de productie daalt. “Overal ter wereld is er sprake van temperatuurstijging en dit zal dus invloed hebben op de opbrengsten van de koffievelden.” Ken Giller wijst ook op de andere gevolgen van klimaatverandering: “Door klimaatverandering is er steeds meer extreem weer. Lange droogtes of een heftige storm kunnen de gehele oogst in één keer vernietigen.”

De negatieve gevolgen van klimaatverandering worden bevestigd in een rapport van het IPCC (Intergovermental Panel on Climate Change), een wetenschapsinstituut opgericht door de VN om de gevolgen van klimaatverandering in kaart te brengen. Als de temperatuur op aarde 2 tot 2,5 graden stijgt, alds het IPCC, zal een groot gedeelte van de huidige koffieplantages ongeschikt worden voor het verbouwen van koffie. Nieuwe gebieden die door klimaatverandering wel geschikt worden, zijn vaak kostbare beboste natuurgebieden.

Volgens Ken Giller zullen we de gevolgen van klimaatverandering op de productie van koffie al in de komende tien à twintig jaar kunnen zien.

Oordeel

We drinken met z’n allen steeds meer koffie en door klimaatverandering kan er steeds minder koffie worden geproduceerd. Om deze redenen beoordelen we de stelling dat er een tekort aan koffie gaat ontstaan als waar. Wanneer dit tekort ontstaat valt niet precies vast te stellen, maar het is waarschijnlijk dat dit al in het komende decennium gaat gebeuren.

Foto Zach Inglis, Flickr (CC BY-NC 2.0)

NOS bericht eenzijdig over Twentse biobrandstof

Saturday, October 2nd, 2010

Door: Carola Poley

Biofuels "from Jurvetson"Het tijdperk van olie loopt op zijn eind, de bronnen raken leeg. De zoektocht naar alternatieve en meer milieuvriendelijke energiebronnen is in volle gang. Een van die alternatieven is biobrandstof: brandstof gemaakt uit biomassa zoals plantresten en ander organisch materiaal. Onderzoekers van de Universiteit Twente melden begin september een doorbraak: biobrandstof uit landbouwafval. De NOS doet verslag, maar schetst daarbij een te rooskleurig beeld.

De NOS meldt op 4 september op het NOS journaal en op NOS.nl een doorbraak op het gebied van de productie van biobrandstof. Twentse onderzoekers zijn erin geslaagd om van landbouwafval een olie te maken die dezelfde eigenschappen heeft als ruwe aardolie en daardoor ook kan worden verwerkt in raffinaderijen.

Energiecorrespondent Bram Schilham schetst een zeer positief en hoopvol beeld voor de toekomst. Biobrandstof zal in tegenstelling tot fossiele brandstof milieuvriendelijker en op grote schaal geproduceerd kunnen worden. Daarnaast komen onze eigen voedselbronnen en natuurgebieden niet in gevaar. Maar is deze visie wel terecht?

“Biobrandstof draagt minder bij aan de uitstoot van broeikasgas en klimaatverandering,” schrijft Schilham op NOS.nl. De vraag is of dit statement waar is. Geldt dit ook voor de Twentse methode? Het artikel legt niet uit waarom bij de Twentse methode minder CO2 vrij komt. Sascha Kersten, wetenschapper aan de Universiteit Twente en betrokken bij dit project, geeft telefonisch uitleg: “Je kan uitrekenen hoeveel CO2 er wordt uitgestoten in het hele productieproces. Wij hebben zelf ook een beetje gerekend en weten dat onze route minder CO2 uitstoot dan bijvoorbeeld het hele productieproces rondom aardolie.”

Esther van der Voet, biobrandstofexpert verbonden aan het Centrum voor Milieuwetenschappen in Leiden, legt uit wat “een beetje rekenen” inhoudt. Er zijn nogal wat addertjes onder het gras bij zo’n berekening. “Het bekende trucje is dat de CO2 die vrij komt uit planten tijdens het productieproces niet wordt meegeteld. Tijdens de groei van de plant wordt er namelijk evenveel CO2 vastgelegd. Bij de verbranding van olie gebeurt eigenlijk precies hetzelfde, alleen is de CO2 zo lang geleden vastgelegd dat we het zijn vergeten. De vrijgekomen CO2 wordt hier dus wel meegerekend.” Ook wordt volgens Van der Voet geen rekening gehouden met de CO2 die vrijkomt door de landbouw. “Omdat er wordt gewerkt met afval, worden de landbouwemissies niet meegeteld. Het is het eerlijkst als er eerst wordt uitgerekend hoe groot het deel is dat wordt gebruikt voor de biobrandstofproductie. Vervolgens moet een vergelijkbaar deel van de CO2 vrijgekomen bij het landbouwproces ook worden meegenomen in de Twentse berekening.”

De berekeningen rondom de uitstoot van CO2 bij de productie van biobrandstof zijn dus omstreden. De Twentse onderzoekers zijn dan ook voorzichtig met uitspraken daarover. Maar waarom staat er in het artikel op NOS.nl dan: “Biobrandstof draagt minder bij aan de uitstoot van broeikasgas en klimaatverandering”? Deze uitspraak behoort volgens Schilham tot “de algemene aannames” over biobrandstof. “Voor de Twentse methode geldt deze uitspraak zeker omdat er wordt gewerkt met landbouwafval dat toch nergens anders voor wordt gebruikt.”

Voor de toekomst hebben de Twentse onderzoekers grote plannen, getuige een citaat op NOS.nl: “De nieuwe techniek maakt de weg vrij voor grootschalige productie van benzine, diesel en kerosine op basis van bio-olie. Over tien tot vijftien jaar zou 20 procent van de transportbrandstoffen daarmee kunnen worden gemaakt.” Verrassend genoeg plaatst Sascha Kersten aan de telefoon zelf een kanttekening bij deze opmerking: “De vraag is ook of het reëel is om al het plantafval te verzamelen, er gaan veel transportkosten in zitten laat staan brandstof voor het transport.” Ook Van der Voet zet haar vraagtekens bij deze uitspraak. “Misschien wordt de tien procent gehaald, maar mijn schatting ligt eerder in de buurt van de vijf procent.”

Experts op het gebied van biobrandstof zijn kritisch en zelfs de Twentse onderzoekers zijn in tweede instantie voorzichtig. Waarom ontbreekt deze kritische toon in de verslaggeving van de NOS? Schilham beantwoordt de vraag zelf als hij uitleg geeft over zijn bronnen: “We hebben het artikel voornamelijk gebaseerd op de uitspraken van de onderzoekers van de Universiteit van Twente.” Dat andere wetenschappers kanttekeningen plaatsen, verbaast Schilham niet: “Er zijn altijd verschillende opvattingen. De uitspraken zijn enigszins onderzocht en niet als onwaar bevonden.”  

Het artikel moet dus opgevat worden als een verzameling uitspraken van de Twentse onderzoekers. “De opvattingen en voorspellingen zijn niet als feitelijk gepresenteerd,” zegt Schilham. Maar doordat de opvattingen en voorspellingen maar ‘enigszins’ – dus in beperkte mate – onderzocht zijn, ontbreekt de kritische toon die je zeker van een energiecorrespondent zou verwachten. Bij de verslaggeving over een wetenschappelijk en controversieel onderwerp als biobrandstof, moeten uitspraken niet ‘enigszins’ worden onderzocht maar grondig. Ook mag worden verwacht dat meerdere bronnen worden aangehaald en dat de verslaggeving zich niet beroept op ‘algemene aannames’.

Uitgangspunten
RSS
TIP ONS!
  • arbeid (6)
  • archeologie (3)
  • beurshandel (1)
  • biologie (5)
  • cultuur (6)
  • dagelijks leven (25)
  • economie (15)
  • financiën (2)
  • gezondheid (15)
  • journalistiek (3)
  • mediahype (6)
  • medisch (63)
  • milieu (3)
  • misdaad (28)
  • Multicultureel (7)
  • natuur (8)
  • oorlog (2)
  • pedagogiek (9)
  • politiek (9)
  • psychologie (30)
  • Psychopathie (2)
  • religie (5)
  • seksualiteit (5)
  • Slaap (1)
  • Social media (3)
  • Sport (2)
  • Tandheelkunde (4)
  • Technologie (5)
  • uiterlijk en gezondheid (4)
  • Uncategorized (9)
  • verkeer (6)
  • voeding (8)
  • wetenschap (58)
  • Zorg (4)
  • De Nieuwe Reporter
  • Hans van Maanen
  • Journalistiek & Nieuwe Media
  • FHJ Factcheck
  • Regret the Error
  • Snopes