Zorg

Nieuws over medicijnentekort onnodig alarmerend

Tuesday, October 28th, 2014

door: Viënna Beenhakker en Sanne Wolters

‘Medicijnen voor Parkinson, diabetes en kanker niet meer verkrijgbaar.’ Dat schrijft de webredactie van RTL Nieuws op 13 maart 2014. Lopen bepaalde patiëntengroepen echt gevaar? Minister Schippers van Volksgezondheid liet onderzoek doen naar de verontrustende berichten en kondigde in een brief aan de Tweede Kamer maatregelen aan. Het geneesmiddelentekort blijkt veel minder ernstig dan berichten als die van RTL doen geloven.

RTL Nieuws verwees naar een eerder artikel van het AD waarin cijfers onder de loep zijn genomen van apothekersorganisatie KNMP Farmanco, de apothekersorganisatie die tekorten registreert. Het AD waarschuwde voor een ‘gevaarlijk tekort aan medicijnen in Nederland’. Een record aantal geneesmiddelen was het afgelopen jaar niet meer beschikbaar en steeds meer medicijngebruikers moeten op zoek naar een vaak duurder alternatief. RTL schrijft dat in ruim twee procent van de gevallen helemaal geen vervangend middel beschikbaar is. Dit zou een groot risico opleveren voor bepaalde patiëntengroepen. Het zou gaan om medicijnen tegen kanker, Parkinson en diabetes.

Rapport
De verontrustende berichten over het medicijntekort baarden minister Schippers van Volksgezondheid ernstige zorgen. Zij heeft onlangs onderzoek laten doen en een rapport uit laten brengen door Berenschot over de gevolgen van het tekort. Het rapport werd op 18 september aangeboden aan de Kamer. “We trekken geen specifieke conclusies voor bepaalde geneesmiddelen, maar concluderen dat voor de meeste tekorten de impact voor patiënten beperkt blijft tot ongemak”, aldus Berenschots managing consultant Annette de Boer. Bij specifieke kwetsbare patiëntengroepen zouden de tekorten wel kunnen leiden tot gezondheidsschade. Maar de impact van de meeste geneesmiddelentekorten blijft beperkt voor de patiënt. Dit komt onder meer door de inspanningen van farmaceutische zorgverleners om tekorten op te lossen. Ook Joost de Metz, stafadviseur van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik, beaamt dit.

Situatie minder dreigend
KNMP Farmanco stelt dat één procent van de apotheekbezoekers naar huis gestuurd wordt zonder medicijn. Dit komt niet overeen met de ‘ruim twee procent’  die RTL Nieuws noemde.  Overstappen op  een alternatief geneesmiddel kan volgens RTL gevaar opleveren voor de patiënten: medicijngebruikers kunnen in de war raken en de medicijnen niet of juist dubbel innemen. Volgens Doeriene Postma, onderzoeker bij KNMP Farmanco, die de tekorten wel een probleem vindt, is de situatie toch minder dreigend dan de media doen geloven: “De kranten willen altijd mooie koppen, maar het niet verkrijgbaar zijn van geneesmiddelen staat los van levensbedreigende situaties.”

Geneesmiddelen verdwijnen niet zomaar
Een geneesmiddel wordt niet zo snel van de markt gehaald. Dat blijkt al uit het artikel van het AD waar RTL Nieuws zich op baseert. Problemen met medicijntekorten worden bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen gemeld. Het CBG maakt dan een inschatting van het probleem en inventariseert of er alternatieven zijn. Hierbij wordt waar nodig samengewerkt met IGZ en internationale registratieautoriteiten. Als de volksgezondheid in het geding komt, kan het CBG altijd een moreel beroep doen op de fabrikant en aandringen op voortzetting van de productie. Ook volgens Nefarma, een brancheorganisatie van farmaceuten, stopt een fabrikant niet zomaar. Er moeten altijd voldoende alternatieven aanwezig zijn.

Loos alarm
Ondanks al deze maatregelen komt het heel zelden toch voor dat er geen alternatief medicijn beschikbaar is. Of en in welke mate geneesmiddelentekorten leiden tot gezondheidsschade is onbekend. Bovendien stelt Farmanco dat het begrip ‘schade’ bij medicijngebruikers moeilijk te definiëren is en ook moeilijk in te schatten. Op welke patiëntengroepen het medicijntekort effect heeft is ook onduidelijk, het is namelijk niet bekend om welke medicijnen het precies gaat. Kortom, RTL Nieuws jaagt lezers onnodig angst aan door te melden dat het gaat om medicijnen tegen kanker, Parkinson en diabetes.

RTL Nieuws heeft niet gereageerd op vragen van Nieuwscheckers.

Studenten wonen bij bejaarden: meer uitzondering dan trend

Thursday, October 9th, 2014

door: Vera van der Kaap en Loes van Niekerk

Steeds meer studenten willen bij bejaarden wonen, signaleert NOS op 3. Maar die trend bestaat nog helemaal niet, blijkt uit onderzoek door Nieuwscheckers. Slechts bij drie van de zes verzorgingstehuizen die NOS op 3 noemt, worden studenten geplaatst of zijn hier zelfs alleen maar plannen voor. Daarnaast laat de NOS bronnen aan het woord die geen inzicht kunnen bieden in deze ‘trend’.

Op dinsdag 23 september meldde NOS op 3 dat studenten graag in bejaardentehuizen willen wonen Ook zou in steeds meer steden de mogelijkheid bestaan om als student een leegstaande kamer te betrekken in een verzorgingstehuis. Maar een rondgang langs verzorgingshuizen laat iets anders zien: er zijn er bijna geen waar studenten kunnen en willen wonen.

Thuis of tehuis?

Een van de instanties die de NOS aanhaalt is SOlink. Solink bevestigt dat de studenten die de instelling plaatst in dezelfde woning verblijven als de ouderen. Dit gaat echter niet om tehuizen, maar om studenten die bij ouderen intrekken, wat net iets anders is dan in het nieuwsbericht staat: “Want het gebeurt steeds vaker dat studenten tussen de bejaarden wonen, in een bejaardenhuis.”
Een andere organisatie die in het artikel wordt genoemd is ActiZ, een organisatie voor zorgondernemers. Persvoorlichter Bernadet Naber bevestigt dat het inderdaad voorkomt dat studenten bij ouderen in verzorgingstehuizen wonen. Het gaat volgens haar om vijf à zes locaties.

Verkeerde trend

Directeur van studentenhuisvesting Kences, Vincent Buitenhuis, ziet een geheel andere trend. “Bestaande verzorgingshuizen raken steeds leger aangezien ouderen langer thuis blijven wonen. Deze tehuizen worden omgebouwd tot studentenhuizen om zo de kamers toch te kunnen vullen. Dat is de trend waar het hier om gaat en dus niet om studenten die bij ouderen gaan wonen. Dat heb ik ook tegen NOS op 3 gezegd, maar dat hebben ze niet in het artikel opgenomen. Bovendien geven ze aan dat wij in november met cijfers naar buiten zouden komen, maar dit was al op 1 oktober. Deze cijfers had ik nog niet toen ik met ze heb gesproken. Toch staat er dat wij aangeven dat de kamernood onder studenten nog steeds hoog is, terwijl juist uit de cijfers is gebleken dat het stabiel blijft of op sommige plekken zelfs iets daalt.”

Bij bejaarden wonen

Volgens NOS op 3 zou in meerdere steden nu al een verzorgingstehuis staan waar studenten een kamer kunnen krijgen, zoals in Amsterdam in het Sint Jacob. Behalve daar zou ook in Amstelveen, Deventer, Moordrecht, Groningen en Arnhem het plan bestaan om in ieder geval in de toekomst studenten bij bejaarden in een verzorgingstehuis te plaatsen. Dit blijkt in veel gevallen niet te kloppen.

In Deventer staat wél een verzorgingstehuis waar naast bejaarden ook studenten wonen. In verzorgingstehuis Humanitas zijn van de 166 bewoners er zes student. Behalve in Deventer worden in verzorgingstehuis Vreedenhoff in Arnhem op dit moment voorbereidingen getroffen om studenten te kunnen huisvesten. En daar houdt het op met studenten die bij bejaarden wonen.

In Amstelveen staat verzorgingstehuis De Olmenhof. Dit is een van de tehuizen die ActiZ aanhaalt. Maar dit tehuis is voor bejaarde hulpbehoevenden gesloten. Wel wordt het omgebouwd voor huisvesting van jongeren. Huisvesting in De Olmenhof wordt niet gecombineerd met wonen bij bejaarden. In andere verzorgingstehuizen in Amstelveen wonen enkel ouderen.

In Groningen worden verzorgingstehuizen ‘geadopteerd’ door studentenverenigingen, om bejaarden en jongeren met elkaar in contact te brengen. De studenten wonen er echter niet. In twee voormalige verzorgingstehuizen wonen wel studenten, maar daar wonen net als in Amstelveen geen ouderen meer. In Moordrecht is een verzorgingstehuis zelfs alleen gesloten. Er liggen geen plannen om dit tehuis om te bouwen voor studentenhuisvesting.

Reactie NOS op 3

Redacteur/verslaggever Arlene Gelderblom van NOS op 3 reageert per mail op de vragen van Nieuwscheckers. “Volgens onze redacteur heeft de directeur van Kences niet letterlijk tegen haar gezegd dat hij het helemaal niet als trend ziet. Onze redacteur belde hem in eerste instantie ook om te vragen of er nog steeds een tekort is aan studentenwoningen. Hij heeft toen gezegd dat deze cijfers in november komen, maar dat er zeker nog een tekort is. Hij vertelde alleen terloops dat hij zelf geen voorbeelden kent van studenten in bejaardentehuizen.”

Gerlderblom nuanceert ook enigszins het verhaal: “We zeggen niet dat het een enorme trend is, maar signaleren wel dat het sinds enkele jaren gebeurt.” Bronnen zijn deels door de redactie gecheckt. “We hebben ook gebeld naar verzorgingstehuizen in Deventer en Arnhem waar studenten wonen of waar ze plannen hebben om studenten te laten wonen. De rest van de steden noemen we op basis van gegevens van Actiz.”

NOS op 3 heeft een goede aanleiding voor het verhaal: er zijn inderdaad drie tehuizen in Nederland waar studenten tussen bejaarden wonen. Maar spreken van een trend is voorbarig en het nabellen van de tehuizen was geen overbodige luxe.

Nieuwe ouderen-onderzoek rammelt

Tuesday, October 22nd, 2013

door: Eline van den Hout en Cindy Huijgen

Toekomstige bejaarde denkt niet aan aftakeling schrijft wetenschaps-journalist Joep Engels op 15 september in Trouw. Het artikel is gebaseerd op een onderzoek over de ‘nieuwe ouderen’ van zorgondernemersorganisatie ActiZ en adviesbureau Bureauvijftig. Het onderzoeksrapport en de samenvatting ervan spreken elkaar echter tegen. Tevens kloppen cijfers niet met de gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Bovendien heeft ActiZ er belang bij dat de ‘nieuwe ouderen’ als een aparte groep in de samenleving worden gezien.

“Engels heeft de goede conclusies uit het onderzoek getrokken, ik ben tevreden”, liet Arjan in ‘t Veld, directeur van Bureauvijftig, Nieuwscheckers weten. Op het eerste gezicht lijkt het inderdaad dat Engels de juiste conclusies heeft getrokken. Op basis van de online beschikbare samenvatting en de infographic valt er niets op het artikel aan te merken. Nieuwscheckers vermoedt echter dat dit komt doordat het artikel alleen gebaseerd is op deze twee documenten. Alles wat Engels schrijft is hier namelijk in terug te vinden, met uitzondering van de laatste alinea. Na getouwtrek met de betrokken organisaties mocht Nieuwscheckers uiteindelijk het onderzoeksrapport inzien.

In de afsluitende alinea beweert Engels dat driekwart van de 50-plussers alleen woont. Dit staat op één bladzijde van het onderzoeksrapport: het referentiekader, een onderdeel van de inleiding. Volgens cijfers van het CBS was dit op  1 januari 2013 slechts een kwart. Bovendien staan in de bijlage van het onderzoeksrapport wel de gegevens die met het CBS overeenkomen vermeld. Op de vraag ‘Wat is uw gezinssituatie?’ antwoordde maar 27 procent van de deelnemers dat ze alleen wonen. Deze fout versterkt het vermoeden dat Engels zich heeft gebaseerd op de bladzijden die het onderzoek samenvatten. Nieuwscheckers nam het onderzoeksrapport daarom onder de loep.

Marketingterm?
Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de ActiZ-campagne ‘Het Nieuwe Ouder Worden‘. De benoeming ‘nieuwe ouderen’ roept vragen op. Hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam Dirk Sikkel doet onderzoek naar ouderen en vergrijzing. Hij denkt dat ‘nieuwe ouderen’ een marketingterm is. “Het wordt gebruikt om interessant te doen en aandacht te trekken.” Als er al gebruik van die term gemaakt kan worden, gaat het volgens Sikkel om mensen van de babyboom. Zij zijn op dit moment dus 50 tot 67 jaar. “Om ze allemaal op dezelfde manier te behandelen is vreemd. Er gebeurt nogal wat na je vijftigste.”

In een filmpje over de ActiZ-campagne wordt gesteld dat ouderen tegenwoordig een steeds actievere rol in de samenleving willen spelen. Ze zijn mondiger, weten wat goed voor ze is en willen daar naar kunnen handelen. “ActiZ is blij met de opkomst van de nieuwe ouderen. De vergrijzing maakt dat we ouderenzorg simpelweg niet meer kunnen veroorloven. ActiZ wil het nieuwe ouder worden daarom ook flink stimuleren”, zegt de verteller in het promotiefilmpje. De zorgondernemersorganisatie heeft er dus belang bij dat de ‘nieuwe ouderen’ als een aparte groep in de samenleving worden gezien.

Ruim 3100 ouderen zijn voor dit ‘Grote Nieuwe Ouder Worden Onderzoek’ ondervraagd. De website van ActiZ vermeldt dat het onderzoek gericht is op de groep die tussen nu en de komende twintig jaar als zorgklant instroomt. Maar het onderzoek lijkt representatief voor alle 50-plussers, er zijn zelfs mensen boven de tachtig ondervraagd. Slechts 2 procent van de deelnemers van het onderzoek noemde zich een ‘nieuwe oudere’, de meerderheid (23 procent) koos voor de aanspreekvorm ‘50-plusser’.

Schrikbeeld
“Veroudering, aftakeling en de dood zijn nog ver weg”, schrijft Joep Engels in Trouw. Uit zijn artikel blijkt dat 50-plussers niet graag aan ouder worden denken en “er maar het beste van maken”. De ondervraagden lijken dit echter tegen te spreken. Op de vraag “Vindt u het leuk om ouder te worden?” antwoordden ongeveer evenveel mensen eens als oneens. De helft was neutraal. Een meerderheid (66 procent) kon het ouder worden zelfs makkelijk accepteren. Ouder worden op zich blijkt dus niet zo’n groot probleem.

De journalist van Trouw schrijft in zijn artikel ook dat 50-plussers liever niet in een zorginstelling belanden. “Een verhuizing naar een zorginstelling is het grote schrikbeeld.” Dit blijkt niet uit het onderzoek. Slechts 19 procent van de ondervraagden noemt dit als grote angst. Voor meer dan de helft van hen is mentale achteruitgang het ergste van ouder worden. Bovendien is maar 37 procent niet bereid om naar een zorginstelling te verhuizen als de gezondheid achteruit gaat. Een groot deel heeft hier geen mening over. Als wonen in een zorginstelling onvermijdelijk is, zegt nog maar 18 procent niet bereid te zijn om te verhuizen.

Dun onderzoek
Over de conclusie dat ouderen zich niet met de toekomst bezighouden, verschillen deskundigen van mening. Volgens socioloog René Schalk, hoogleraar aan Tilburg University, blijkt uit meerdere onderzoeken dat deze bevinding klopt. Hij verwijst onder meer naar een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Dit is een organisatie die verbonden is aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Sikkel vindt het vreemd dat Trouw een nieuwsartikel over het onderwerp publiceerde: “Het is al tientallen jaren bekend dat ouderen zich niet druk maken om hun toekomst.” Jan Baars, deskundige op het gebied van de ‘nieuwe ouderen’ en hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek, heeft echter kritiek: “Ik ben niet bij het onderzoek betrokken geweest, maar ik vind het een rare conclusie. Veel mensen maken zich wel zorgen, soms zelfs te veel.”

Dat Engels in zijn artikel kritischer over het onderzoek kon en moest zijn, is duidelijk. “De redactie van Trouw is maar klein. Een aantal jaar geleden is de wetenschapsredactie onderdeel geworden van de nieuwsdienst”, verklaart de wetenschapsjournalist die normaal over bètawetenschappen schrijft. Ouderenzorg is niet zijn onderwerp. Bovendien blijkt tijdgebrek ook een grote factor. De journalist had een uur de tijd. In die tijd achterhaalde hij het rapport, nam hij 50 bladzijden van het onderzoek door en schreef hij het nieuwsbericht. Engels geeft toe dat hij niet trots op het artikel is. “Het was erg lastig om er een duidelijk nieuwsbericht van te maken met één boodschap. Ik vond het zelf nogal een dun onderzoek en was na 100 woorden eigenlijk wel klaar.”

98 procent verplegenden seksueel lastiggevallen. Of een derde. Of zo.

Friday, June 24th, 2011

Door: Lena Bounimovitch en Maud Etman

‘Veel seksuele intimidatie bij verplegenden’, meldde Trouw in maart op basis van een ANP-bericht: meer dan een derde van medewerkers in de zorg zou ermee te maken hebben. Of was het nog erger? In het bericht beweerde Mathilde Bos, auteur van een boek over seksuele intimidatie en docent aan de Hogeschool Utrecht, dat in werke-lijkheid zo’n 98 procent van alle zorgverleners wel eens seksueel geïntimideerd is. Dat laatste percentage is een persoonlijke schatting, het eerste de uitkomst van een rammelend onderzoek. 

De cijfers over seksuele intimidatie in de zorg zijn afkomstig uit een onderzoek door Bijzijn, een vakblad voor werkers in de gezondheidszorg. Bijzijn heeft een enquête gehouden ter gelegenheid van het Congres Seksualiteit, Intimiteit en Intimidatie in Utrecht en presenteerde de uitkomst zelf onder de kop ‘Ruim een op de drie collega’s slachtoffer seksuele intimidatie’.  Uit de enquête blijkt dat van ruim 900 respondenten 35,6 procent wel eens met seksuele intimidatie te maken heeft gehad. 82,3 procent van hen werden lastiggevallen door een patiënt: 6,73 procent non-verbaal, 54,7 procent met seksueel getinte opmerkingen en 31,09 procent met handtastelijkheden.

Maar dat is slechts het topje van de ijsberg, zegt Mathilde Bos, docente Verpleegkunde aan de Hogeschool Utrecht en verpleegkundige in de psychiatrie: “Ik denk dat in werkelijkheid 98% ooit in aanraking is geweest met seksuele intimidatie, maar dat niet als zodanig herkent. Seksueel getinte complimentjes horen er namelijk ook bij.” Opvallend is haar uitleg bij het idee dat mannen seksuele intimidatie minder vaak herkennen: “Mannen hebben niet geleerd dat seksuele aandacht ook intimiderend kan zijn. Ze zouden het altijd leuk moeten vinden. Een misvatting. Dat is de reden geweest dat het misbruik in de rooms-katholieke kerk zolang verborgen bleef.”

Bijzijn zette later ook de uitslag van de enquête op het web. Het totaal aantal ingevulde enquêtes staat daar aangegeven als 895. Dit aantal wisselt vervolgens per vraag; niet iedere respondent heeft alle vragen ingevuld. 313 mensen rapporteren dat ze in de afgelopen vijf jaar wel eens geconfronteerd zijn met seksuele intimidatie.

Het ANP baseerde zich, zo blijkt bij navraag, op de site van Bijzijn. De vraag of het ANP contact heeft opgenomen met Mathilde Bos blijft echter onbeantwoord. Net als de vraag of het persbureau die 98 procent niet wat aan de hoge kant vond. Wel is het duidelijk dat er niet naar de enquêteresultaten werd gevraagd: “Het ANP wist niet dat er een paar dagen later een bijlage is gepubliceerd. We konden daar dan ook niet over berichten”, aldus het ANP.

Enquête

900 mensen is een redelijk grote groep. Adri van Beelen, een van de opstellers van de enquête, vertelde ons waar het aantal vandaan komt: “Wat de doelgroep betreft, deze bestaat voor 90 procent uit verpleegkundigen en verzorgenden: mensen aan wie wij de wekelijkse nieuwsbrief sturen.” Zowel via de nieuwsbrief als de website bood Bijzijn de enquête aan. Uit het onderzoek bleek niet hoeveel mensen uiteindelijk benaderd zijn, maar dat waren er volgens Van Beelen 10.000: “Een respons van 9 procent is dus niet erg groot.” De enquête is echter bedoeld als peiling: “Wetenschappelijk is het niet. Dat pretenderen we ook niet.”

In de vragenlijst wordt niet uitgelegd wat de invuller moet verstaan onder  ‘seksuele intimidatie’.  “De vragen zijn niet van te voren uitgelegd,” aldus Van Beelen. “Seksuele intimidatie is een breed en bovenal subjectief verschijnsel. Het gaat om een vorm van gedrag die door de meerderheid als ongewenst wordt ervaren. De een zal daar eerder last van hebben dan een ander. Mensen die er meer over wilden vertellen, gaven hun mail of telefoonnummer.”

Definitie

Mathilde Bos wil seksuele intimidatie wel omschrijven: “Het is ‘ongewenste seksuele aandacht’. Pas als die aandacht als vervelend wordt ervaren, is het seksuele intimidatie.” Bos vond het jammer dat deze definitie niet in de enquête naar voren kwam:  “Na een lezing ben ik juist erg blij als mensen met de juiste definitie in hun hoofd naar huis gaan.”

Maar hoe kwam Bos bij die 98 procent? Dit haalde ze uit haar eigen ervaring, met name bij studenten in de zorg. Ook seksueel getinte opmerkingen vallen onder seksuele intimidatie, en zeker jonge verzorgenden krijgen hier vaak mee te maken. Maar krijgt niet íedereen dan in zijn leven te maken met seksuele intimidatie? Lachend:  “Ja, daar heb je denk ik wel gelijk in. Het verschil is dat je in het dagelijks leven makkelijker om iemand heen kan die iets naar je roept, dan in de zorg. In de zorg moet je iemand die seksueel getinte dingen tegen je zegt nog steeds helpen met douchen.”

En hoe komt Bos erbij dat misbruik in de katholieke kerk lang verborgen bleef doordat mannen seksuele intimidatie niet herkennen? Bos legt uit dat ze daar verkeerd is geciteerd, en er ook wel van geschrokken was: “Het klopt niet wat er staat.” Wat Bos bedoelde, was dat door de schandalen in de kerk nu mannen als slachtoffer op de maatschappelijke agenda staan, en mannen in de zorg het mogelijk sneller herkennen. Het probleem is dat met name vrouwen vaak als slachtoffer worden gezien en dat het bij mannen een nieuw fenomeen lijkt. Bos wijst erop dat ze niet had gevraagd of ze het artikel had mogen nalezen, waardoor Van Beelen zich er niet van bewust was dat er hierin een fout is gemaakt.

Maatschappelijke agenda

Seksuele intimidatie op de werkvloer is al eerder onderzocht. Uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) in 2009 bleek dat in de gemiddelde Nederlandse bedrijfstak per jaar 1,8 procent van de mannen en 5,1 procent van de vrouwen te maken krijgt met seksuele intimidatie. Deze cijfers zijn een stuk minder schokkend dan de resultaten van Bijzijn. Seksuele intimidatie wordt door iedereen anders ervaren en benoemd, maar zit er dan misschien toch een probleem in de zorg?

Het uiteindelijke doel van het artikel was niet het presenteren van wetenschappelijke onderzoeksresultaten, of het aanwijzen van slachtoffers van intimidatie. Van Beelen wilde het onderwerp op de maatschappelijke agenda zetten. “Omdat het voor sommigen nog altijd een taboe is.” Hoewel het noemen van percentages en het weergeven van verhalen van slachtoffers het artikel in eerste instantie een schrikeffect geeft, gaat het eigenlijk om herkenning. “Verpleegkundigen herkennen het niet en dat zorgt ervoor dat er te laat een grens wordt getrokken. Dan zien de verpleegkundigen het als een persoonlijk probleem, terwijl het een professioneel probleem is”, aldus Bos.

Uitgangspunten
RSS
TIP ONS!
  • arbeid (6)
  • archeologie (3)
  • beurshandel (1)
  • biologie (5)
  • cultuur (6)
  • dagelijks leven (25)
  • economie (15)
  • financiën (2)
  • gezondheid (15)
  • journalistiek (3)
  • mediahype (6)
  • medisch (63)
  • milieu (3)
  • misdaad (28)
  • Multicultureel (7)
  • natuur (8)
  • oorlog (2)
  • pedagogiek (9)
  • politiek (9)
  • psychologie (30)
  • Psychopathie (2)
  • religie (5)
  • seksualiteit (5)
  • Slaap (1)
  • Social media (3)
  • Sport (2)
  • Tandheelkunde (4)
  • Technologie (5)
  • uiterlijk en gezondheid (4)
  • Uncategorized (9)
  • verkeer (6)
  • voeding (8)
  • wetenschap (58)
  • Zorg (4)
  • De Nieuwe Reporter
  • Hans van Maanen
  • Journalistiek & Nieuwe Media
  • FHJ Factcheck
  • Regret the Error
  • Snopes