Posts Tagged ‘AD’

Selfie-plaatsende mannen zijn helemaal niet zo psychopathisch

Monday, November 2nd, 2015

Door: Natascha Ditzel en Rick Jacobs

Mannen die veel selfies plaatsen, vertonen meer psychopathische trekjes”, luidt een blockquote in het AD. Deze uitspraak van neurowetenschapper dr. Roeland Dietvorst in een interview over Facebookverslaving is zo geplaatst dat hij alle aandacht van het artikel opeist. Nieuwscheckers zoekt de nuance. “Je kunt niet zomaar zeggen dat iemand bij bepaald gedrag automatisch een psychopaat is.”

Andere media berichtten eerder over de uitspraak die het AD op 12 september zo prominent in beeld bracht. Zo publiceerde Quest begin 2015 een artikel met de kop: “Mannen die veel selfies maken hebben psychopathische trekjes.” Ook AD.nl meldde al in januari: “Man die veel selfies post, wordt sneller psychopaat.” Dit zou blijken uit een onderzoek van Ohio State University waarvoor 800 mannen een online enquête invulden. Hierbij werd onderzocht welk verband er bestaat tussen het plaatsen en bewerken van selfies en persoonlijkheidsstoornissen zoals narcisme en psychopathie.

Grijs gebied

“Je kunt niet zomaar zeggen dat iemand bij bepaald gedrag automatisch een psychopaat is”, zegt dr. Marije Keulen-de Vos, wetenschappelijk onderzoekster binnen de forensische psychiatrie in Venray.  Zij deed onderzoek naar de effectiviteit van behandeling van tbs-patiënten, onder wie patiënten met een hoge mate van psychopathie.  Er moet volgens Keulen-de Vos meer onderzoek gedaan worden dan iemand een bepaald lijstje in te laten vullen waaruit geconcludeerd kan worden dat iemand psychopathische kenmerken vertoont.

Ze legt uit dat eerst een dossieronderzoek wordt gedaan, gevolgd door een interview waarbij op verschillende factoren een score wordt toegewezen. “Bij een score van zesentwintig kun je ervan uitgaan dat iemand psychopathische trekken vertoont. Maar dat wil niet zeggen dat iemand met een score van vierentwintig geen psychopathische kenmerken kan vertonen. Het is niet zwart wit, je bent psychopaat of je bent het niet, het is een grijs gebied.”

Ook op het onderzoek van Ohio State heeft Keulen- de Vos kritiek. “Als je het onderzoek goed leest, staat er eigenlijk dat psychopathie geen voorspellende waarde is ten opzichte van het plaatsen van selfies en het aanpassen van je foto’s. In de studie was narcisme een voorspeller, maar ook dat vind ik nog wat ver gaan. Want wat iemand op internet laat zien, is dat ook per definitie zijn werkelijke zelf?”

Ook Herm Kisjes, deskundige op het gebied van mediaverslaving in Eindhoven, ervaart het onderzoek als nogal overtrokken, omdat er op dit moment nog te weinig onderzoek is gedaan naar de effecten van het posten van foto’s op sociale media. “Veel mensen zijn actief op sociale media, maar hoeven geen psychopathische trekjes te vertonen. Andersom geldt dat er psychopaten zijn die weinig tot geen gebruik maken van sociale media”, aldus Kisjes.

Maatschappelijke druk

Ook volgens Gijs Bakkum, directeur van Expertisecentrum Forensische Psychiatrie, is het impulsief posten van foto’s op Facebook geen typisch psychopathisch kenmerk. “Niet ieder persoon die veel foto’s post is iemand met méér psychopathische trekjes.” Kisjes geeft aan dat we door psychologisch onderzoek weten dat mensen het prettig vinden om gezien te worden en met anderen in contact te treden. “En ja, als je nergens bij hoort, dan voel je je ongelukkiger. Mensen zijn vaak onzeker met als gevolg dat ze naar bevestiging zoeken. Het kan hen een digitale boost geven als zij veel likes ontvangen. Dit staat totaal los van psychopathisch gedrag”, aldus Kisjes

Daarnaast is er volgens hem een maatschappelijke druk om selfies te posten. “Honderd jaar geleden vonden mensen het eng om op een foto te staan en dertig jaar geleden moest je toestemming vragen om een foto openbaar te maken. Nu is het een maatschappelijke trend om foto’s te sharen om daarbij gezien te worden en bevestiging te zoeken.” Er zijn volgens Kisjes dus meerdere factoren die spelen bij het posten van selfies en er is een groot verschil tussen mannen en vrouwen in het gebruik van sociale media.

Tenslotte oppert Keulen-de Vos een gedachte-experiment: “Stel nou dat het waar is dat mannen die veel selfies plaatsen psychopathische trekjes vertonen, is dat dan erg?” Bij een psychopaat denken mensen vaak aan Hannibal Lector, terwijl dit beeld verkeerd is volgens haar. “De meeste psychopaten zijn totaal niet Hannibal Lector-achtig, bovendien zijn er psychopaten die prima functioneren en waar niemand direct last van heeft. Zo zijn er beroepen waar dit soort kenmerken een pré zijn. Denk bijvoorbeeld aan het bedrijfsleven, als je bepaalde deals moet sluiten is het fijn als je een gladde prater bent en niet zoveel last hebt van je geweten.”

Genuanceerde blik

Karolien Koolhof, schrijfster van het artikel (online versie), heeft er al meer vragen over gehad: “De bewuste quote is gedaan door de geïnterviewde die zich had gebaseerd op het onderzoek van Ohio State University, door Jesse Fox. Ik heb dat onderzoek doorgenomen en aan de hand daarvan was mijn conclusie dat de quote klopt. De eindredactie heeft vervolgens de quote uitgelicht, omdat hij nogal opvallend is.”

Dr. Roeland Dietvorst, die de bewuste quote heeft uitgesproken, was verrast door het stuk in de krant. “Het artikel is wat overtrokken. Toen ik de titel las dacht ik: ‘Oh mijn god, dit wordt een interessante week.’ Ik werd vervolgens door allerlei media gebeld. Het is een gepopulariseerd artikel geworden waarbij ik maar een klein deel ervan heb kunnen checken, niet eens de titel. Het artikel heeft veel aandacht gekregen, maar het mist dan ook wat nuances. Maar naar mijn mening mist óók het originele wetenschappelijke artikel de nodige nuances. Ik vind het daarom begrijpelijk dat journalisten de quote overnemen”, aldus Dietvorst.

Beeld: Natascha Ditzel, op basis van foto’s Michele M.F. (Flickr, CC BY-SA 2.0) en Mattcc716 (Anthony Hopkins bij Madame Tussaud, Flickr, CC BY-SA 2.0).

‘Man die veel selfies post, wordt sneller psychopaat’

E-sigaret nog verslavender: uit de lucht gegrepen nieuws

Tuesday, October 14th, 2014

door: Stefani Romani en Ester Zoomer

E-sigaretten maken rokers nóg verslaafder, aldus het AD, Sp!ts, Het Nieuwsblad en andere media op basis van ‘een Amerikaans onderzoek’. Maar de aangehaalde expert had het onderzoek niet gezien. Wat de nieuwsberichten niet vermeldden, was dat dat over een groep kankerpatiënten gaat die moeite heeft om te stoppen met roken. Over de gemiddelde roker zegt het niets.

Sp!its en het AD plaatsen op 23 september het nieuwsbericht dat e-sigaretten nog verslavender zijn. De bron was een artikel van Frank Poosen dat 22 september verscheen op de site van Het Nieuwsblad: een Amerikaans onderzoek heeft aangetoond dat e-sigaretten, anders dan gedacht, stoppen met roken juist moeilijker maken. Ze zouden rokers nog afhankelijker maken van nicotine.

In Het Nieuwsblad, en in navolging daarvan in Sp!ts en het AD, zegt Suzanne Gabriëls, manager tabakspreventie van de Vlaamse Stichting tegen Kanker: “Er zijn nog altijd geen studies die bewijzen dat e-sigaretten een effectief hulpmiddel zijn om te stoppen met roken.” Over het ‘Amerikaanse onderzoek’ zegt ze niets. Ze had het onderzoek en het bericht erover nog niet ingekeken, vertelt ze Nieuwscheckers: “Voordat het interview begon, had ik dit nog aangegeven. Het bericht van Reuters over het onderzoek heb ik pas achteraf kunnen bekijken.” Gabriëls is de enige die in het artikel aan het woord komt, de bedrijven die e-sigaretten verkopen en de onderzoekers zelf zijn niet gehoord.

Het onderzoek
Navraag bij Nieuwsblad-journalist Frank Poosen geeft al snel meer duidelijkheid over het ‘Amerikaanse onderzoek’. Het gaat om een artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Cancer. De onderzoekster was dr. Jamie Ostroff van het Memorial Sloan Kettering Cancer Center in New York. Poosen heeft zijn artikel gebaseerd heeft op het bericht hierover van persbureau Reuters.

Het bericht van Reuters heeft echter een andere invalshoek, die we niet terugzien in Het Nieuwsblad, het AD en Sp!ts. Reuters vermeldt kritiek op het onderzoek en raadpleegt ook andere deskundigen. De onderzoekers van Memorial Sloan Kettering Cancer Center komen aan het woord, maar ook andere onderzoekers die de resultaten juist tegenspreken. Gabriëls laat zich in het Nieuwsblad wel twijfelend uit over de effecten van de e-sigaret, maar dit is geen inhoudelijke kritiek op het onderzoek. Bij Reuters kunnen we die wel vinden.

Twijfels over onderzoeksresultaten
Het onderzoek van Ostroff heeft veel kritiek gekregen over de selectie van proefpersonen: kankerpatiënten die nog niet gestopt waren met roken. Robert West, directeur van het tabaksonderzoek aan het Londense University College, bekritiseert deze keuze in het Reuters-bericht: de onderzochte groep bestond uit rokers van e-sigaretten die al eens vergeefs waren gestopt met roken, wat de kans op succesvolle stoppogingen verkleinde. Peter Hajek, directeur van de Tobacco Dependence Research Unit aan de University of London, is het met deze kritiek eens: het onderzoek heeft enkel mensen gevolgd die nog steeds roken, in plaats van mensen die na een e-sigaret gestopt waren.

Een ander argument tegen de onderzoeksresultaten dat genoemd wordt in het persbericht van Reuters is dat de e-sigaret nog maar twee jaar bestaat en er hierdoor geen langetermijngevolgen kunnen worden onderzocht. Gabriëls geeft dit ook aan in Het Nieuwsblad. Onder experts zijn de meningen dan ook verdeeld, sommigen geven aan dat e-sigaretten rokers helpen om te stoppen en anderen dat ze juist meer aan nicotine verslaafd zullen raken.

In het bericht van Reuters komt duidelijk naar voren dat er inhoudelijke kritiek bestaat op het onderzoek, maar deze twijfels worden niet overgenomen in de nieuwsberichten van Het Nieuwsblad, het AD en Sp!ts. Het onderzoek van Ostroff heeft nog niet onherroepelijk bewezen dat de e-sigaretten daadwerkelijk mensen verslaafder maken – zo was het ook niet bedoeld. Maar als je alleen naar de Nederlandse artikelen kijkt, kan je wel die indruk krijgen.

http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=dmf20140922_01282143

Gevaar van ‘sexy barvrouw’ komt niet voor in onderzoek

Thursday, October 18th, 2012

door: Emma O’Hare en Ellemijn Willemse

‘Sexy barvrouw lokt geweld uit’, kopt AD.nl op 10 september 2012: hoe meer seksuele lading er in een kroeg of club hangt, des te groter de kans op agressie onder de bezoekers. Vooral flirterige barvrouwen zouden geweld oproepen. Aldus ‘een onderzoek waarover De Telegraaf schrijft’. Het Algemeen Dagblad heeft het nieuws overgenomen van De Telegraaf. De onderzoekers zagen echter slechts één sexy serveerster. En die lokte geen geweld uit.

Het onderzoek waar De Telegraaf over schrijft, is het 96 pagina’s tellende rapport (pdf) Ingenomen en uitgehaald. Alcohol en geweld in Amsterdamse uitgaansettings. Ilse de Groot en Marco van der Land van de Vrije Universiteit deden dit onderzoek in samenwerking met de gemeente Amsterdam en politie Amsterdam-Amstelland. Het rapport is op 19 september gepresenteerd in een besloten expertmeeting in het Amsterdamse stadhuis, zonder dat de VU of de gemeente de resultaten samenvatten in een persbericht. Bij de aankondiging van de meeting ging het mis: De Telegraaf vernam volgens onderzoeker Van der Land dat Felix Rottenberg zou optreden als voorzitter, voor een vergoeding van ongeveer 2500 euro. De Telegraaf heeft het rapport vervolgens opgevraagd en er een nieuwsbericht over geschreven (‘Agressief door sexy barvrouw’). Dit heeft AD.nl overgenomen.

Boven het bericht vermeldt AD.nl het ANP als bron. Hoewel uit navraag bij het ANP blijkt dat het persbureau nooit over het onderzoek geschreven heeft, houdt een medewerker van AD.nl tegenover Nieuwscheckers vol dat dit wel de bron was. Duidelijk is in elk geval dat de AD-redactie het rapport zelf niet heeft ingezien.

Geen sexy barvrouw

De term ‘sexy barvrouw’ komt in het rapport niet voor, maar de kop komt niet helemaal uit de lucht vallen. Seksueel gedrag wordt in het hoofdstuk over eerdere, vooral buitenlandse studies genoemd als een van de acht mogelijke risicofactoren die door Graham en Homel in 2008 werden onderscheiden in een vergelijkbaar onderzoek: ‘In gelegenheden waar veel seksuele spanning heerst, bestaat een grotere kans op geweld en agressie. Barpersoneel kan hieraan bijdragen doordat schaars geklede meisjes drankjes verkopen.’ Het gaat dus helemaal niet om een conclusie uit het VU-onderzoek. Sterker nog: het is een deel van de theorie die gebruikt wordt voor het onderzoek dat pas veel later in het rapport gepresenteerd wordt.

Club Hot Fuss is de enige van de twaalf onderzochte clubs waar een sexy personeelslid wordt waargenomen: “Een sexy uitziend meisje verkoopt shotjes op de dansvloer waarbij zij vooral de jongens succesvol overhaalt om drank bij haar te kopen.” (p. 41)  Deze observatie wordt echter niet in verband gebracht met gewelddadig gedrag.

De Telegraaf (in de printeditie) en AD noemen ook ’kleine, jonge en vijandige portiers’ als veroorzakers van gewelddadig gedrag. Ook dit is onjuist: net als de schaars geklede barmeisjes worden zij wel genoemd in het literatuuroverzicht (p.21), maar in het Amsterdamse veldonderzoek bleken ze geen rol te spelen (p.74).

Drank, drukte, drang en dolheid

Wat concluderen de VU-onderzoekers dan wel? Het personeel van een uitgaansgelegenheid speelt een belangrijke rol in de hoeveelheid alcohol die wordt genuttigd. In veel van de bestudeerde clubs wordt gratis drank uitgedeeld, wordt er gestunt met drankprijzen en schenkt het personeel door aan duidelijk beschonken bezoekers. In sommige clubs zien we het barpersoneel het ‘goede’ voorbeeld geven door zelf alcoholhoudende dranken te drinken. Seksueel getint gedrag speelt een rol bij agressie in clubs, maar over sexy barpersoneel worden geen specifieke uitspraken gedaan.

Er spelen volgens Van der Land veel factoren mee in het ontstaan van geweld. Seksueel getint gedrag is daarbij niet de voornaamste. Het gaat bovendien altijd om een combinatie van factoren, alcohol speelt daarbij steevast een prominente rol. Veel drank in combinatie met drukte, drang en dolheid worden in de conclusie genoemd als de vier factoren die van invloed zijn op uitgaansgeweld. Bars en clubs waar het comfortgehalte laag is met luide muziek, weinig zitgelegenheid en waar een drukke, losbandige sfeer heerst, geven aanleiding tot agressie.

120 incidenten per dag

De auteur van het Telegraaf-bericht, Tjerk de Vries, schreef twee dagen later in de krant opnieuw over het rapport, samen met Nienke Oort: ’Avondje stappen risicovolle zaak’ (voor een deel overgenomen door AT5). Zoals de titel al doet vermoeden is dit artikel anders van inhoud. Niet alleen wordt de naam van het rapport dit keer wel genoemd, ook wordt de context van het onderzoek uitgebreid beschreven. De conclusie dat sexy barvrouwen voor agressief gedrag zorgen komt in dit bericht niet voor. Indrukwekkende cijfers wel.

Per dag zouden in Amsterdam 120 incidenten plaatsvinden met dronkaards en 25 geweldsslachtoffers vallen. Deze cijfers staan niet zo in het rapport, maar zijn door de Telegraaf-journalisten berekend op basis van het wel vermelde totaal: 243.578 incidenten in vijf en een half jaar. Dat sinds 2006 het aantal geweldsincidenten op uitgaanspleinen verdubbeld is, zoals De Telegraaf claimt, staat echter niet in het rapport. In tegendeel: op pagina 29 en 37 staat daar expliciet dat het aantal geweldsincidenten gelijk is gebleven. Woordvoerder Marjolein Koek van politie Amsterdam-Amstelland bevestigt dat dit de juiste cijfers zijn. Na verschillende pogingen een reactie van De Telegraaf te krijgen, is het enige wat Nienke Oort erover kwijt wil tegenover Nieuwscheckers: ‘Dat gegeven komt uit een ander rapport van de politie en die cijfers zijn geen nieuws. Dat is al lang bekend dat de geweldsincidenten zijn verdubbeld. Google maar.’

Conclusie

De artikelen van AD.nl en De Telegraaf over Amsterdams uitgaansgeweld bevatten onjuistheden. Het VU-onderzoek concludeert niet dat sexy barvrouwen in Amsterdamse kroegen en clubs geweld uitlokken. In het rapport wordt wel gesproken over seksueel getint gedrag als één van de vele factoren die aanleiding kunnen geven tot agressie. Alcohol speelt de grootste rol. Twee dagen na het artikel over de sexy barvrouw revancheert De Telegraaf zich door krasse cijfers die in het rapport verscholen zijn tot koop te promoveren: 120 incidenten met dronkaards en 25 gevallen van mishandeling per dag.  Dat het aantal incidenten op uitgaanspleinen sinds 2006 is verdubbeld, wordt echter door de VU-onderzoekers en politie tegengesproken. De comments staan open voor degene die ze van een bron voorziet.

Hoe overlast ‘straatterreur’ werd en Oosterwei weer in het nieuws kwam

Wednesday, December 8th, 2010

Door: Jan-Willem van der Mijde en Dewie Oediet Doebé
  

De laatste slag in de strijd tegen Marokkaanse straatterreur werd zaterdag 30 oktober gestreden in de beruchte Goudse buurt Oosterwei. Tenminste, als we de media moeten geloven. Het Algemeen Dagblad breekt vier november het nieuws over het zogenaamde ‘bloembollenincident’ en De Telegraaf zet vervolgens hard in met de kop “Straattuig heer en meester in Gouda”. Het nieuws wordt vervolgens opgepikt door andere dagbladen en op tv door het NOS, RTL nieuws, Hart van Nederland, DWDD en Pauw & Witteman. Alwéér hommeles in Oosterwei. Alhoewel, alweer? Bij nader inzien strookt de berichtgeving niet met de werkelijkheid en mist vooral De Telegraaf de nuance. 

Zaterdag 30 oktober: om Oosterwei op te leuken zouden er tijdens een schoonmaakactie bloembollen worden uitgedeeld terwijl clowns Knoef en Tomaat voor vertier zouden zorgen. Zestig huishoudens uit de buurt waren uitgenodigd, maar bij aanvang bleken alleen zo’n dertig kinderen aanwezig, zonder ouders. Een groep van tien kinderen tussen de acht en de veertien, die al enkele maanden overlast veroorzaakt, besmeurt de glijbaan met chocomel en gooit met de nog te planten tulpenbollen. Clown Knoef wordt op zijn hoofd geraakt en de actie wordt afgeblazen. 

Van brandbrief tot nieuwsbericht
Voor Jannie van Leeuwen, voorzitter van de bewonerscommissie, was het de spreekwoordelijke druppel: “Die jochies gooiden heel bewust stenen en bloembollen naar iemands slaap. Dat geeft voor mij aan dat het niet allemaal zo onschuldig was.” Een dag later mailt ze een brandbrief naar gemeente, politie en wijkinstanties. Met succes: Jan van den Heuvel van de Goudse afdeling van de PvdA formuleert raadsvragen en voegt de brief, met de vermeende instemming van Van Leeuwen, als bijlage toe. Van Leeuwen meent het echter niet meer scherp te hebben of zij daarmee had ingestemd. Binnen de raad is het een goede gewoonte om, aldus de oud-politiewoordvoerder, “gelijk een cc’tje naar de pers te sturen.” Daarop spreekt Van den Heuvel Ruud Witte van het AD Groene Hart en stelt hem voor contact op te nemen met Van Leeuwen. 

In de brief bij de raadsvragen heet Van Leeuwen ‘mevrouw Van L.’, maar het AD vermeldde haar volledige naam. Over de toedracht bestaat onduidelijkheid. Volgens Witte was de keuze aan haar, maar Van Leeuwen beweert: “Ik heb dat een beetje gelaten. Het werd een hele rare discussie. Het artikel moest snel af en ik mocht het niet zien. Als mijn naam er niet in stond, zou het een soft artikel worden. Toen dacht ik al ‘help’.” Op basis van het gesprek met Witte was Van Leeuwen in de veronderstelling dat haar brief enkel als basis zou fungeren voor een artikel over de raadsvragen van de PvdA en dat er niet uit zou worden geciteerd. Witte onkent onder tijdsdruk te hebben gestaan en meent dat er geen onduidelijkheid bestond over de aard van het artikel. Volgens de journalist is het bovendien ongebruikelijk om een artikel vóór pulicatie voor te leggen. Alhoewel Van Leeuwen zich achteraf “een beetje bekocht voelt” meent ze dat het resulterende artikel “Spoedoverleg Oosterwei” (niet online) een juiste voorstelling van de zaken geeft. Maar wat volgde had volgens haar weinig meer met de werkelijkheid te maken. 

Niet Oosterwei, maar Goverwelle

De Telegraaf zet de toon
Een dag na het AD bericht stelt De Telegraaf in “Straattuig heer en meester in Gouda” dat Oosterwei opnieuw wordt “geterroriseerd door Marokkaanse straatschoffies”. Telegraafjournalist Jenny van der Zijden verwijst daarbij naar het ‘busincident’ van twee jaar geleden, waarbij een chauffeur van Connexxion werd beroofd. “Het lijkt hetzelfde beeld als twee jaar geleden”,  aldus haar artikel “Geplaagd Gouda is burgemeester beu”. Stijn Hustinx en Caspar Naber van het AD (landelijke editie) verwijzen enkele dagen later in “Midden in Oosterwei zit een zweer” tevens naar het incident: “Wéér is het mis in de wijk Oosterwei in Gouda.” De journalisten vermelden daarbij niet dat het busincident niet in Oosterwei maar in de aangrenzende buurt Goverwelle plaatsvond en dat de overvaller tussen de 25 en 30 jaar zou zijn geweest. Zeker geen kind of hangjongere meer. Connexxion bevestigt dat ook in de laatste paar maanden geen ernstige incidenten hebben plaatsgevonden in de buurt. “Als er in Gouda wat gebeurt of er is een tendens zichtbaar, dan wordt dat gelijk besproken met politie en gemeente. Maar dat is de afgelopen maanden niet nodig gebleken,” aldus Herman Opmeer, woordvoerder van het vervoersbedrijf. 

De Telegraaf en het AD beweren meermalen dat het veiligheidsgevoel onder de inwoners van Oosterwei is afgenomen. Volgens de gemeente blijkt echter uit de Stadsmonitor 2010 dat er “positieve ontwikkelingen zijn te zien als het gaat om het veiligheidsgevoel en het gevoel of het ‘vooruit’ of ‘achteruit’ gaat in de buurt.” Deze data hebben echter betrekking op de gehele gemeente Gouda, dan wel Gouda-Oost (Oosterwei, Vreewijk en de Voorwillenseweg). Bovendien was er in de vier peilingsjaren om-en-om een daling en stijging in het veiligheidsgevoel waar te nemen. Een eenduidige uitspraak over de veiligheidservaring van 2010 is dan ook moeilijk te doen. 

Een verklaring voor de mogelijke vertekening van de cijfers wordt gegeven in de Veiligheidsmonitor op wijkniveau 2009, waarin staat dat in dat jaar de veiligheidsbeleving was afgenomen mede door “de incidenten en de overmatige mediabelangstelling die zich medio 2008 hebben voorgedaan in Oosterwei.” Opmerkelijk aan de berichtgeving vóór oktober 2010 is dat het AD Groene Hart op 29 mei meldde dat volgens diens eigen misdaadmeter de misdaadcijfers in Gouda daalden, alhoewel Gouda steeg in de nationale ranglijst. Op 20 juni meldde dezelfde krant dat de Molenbuurt in Goverwelle en de wijk Korte Akkeren ten noorden van de Emmastraat/Tollensstraat de onveiligste plekken waren in Gouda. Terwijl de buurt Oosterwei, “die landelijk het stempel van onveilig kreeg opgeplakt”, in geen van de lijstjes in de top drie voorkwam. 

Toch schetst raadslid Bas Driesen van Trots op Nederland in het Telegraafartikel “Geplaagd Gouda is burgemeester beu” een grimmig beeld van de wijk: “Kinderen dealen, ze randen vrouwen aan.” Driesen legt uit: “Dit is wel een hele kort-door-de-bocht quote, maar het klopt wel, al gaat het niet om een grote groep.” Op de vraag hoe Driesen dat weet: “Ik hoor dat van diverse bronnen uit de wijk, maar ik kan geen namen noemen.” We vragen de bewuste journalist van De Telegraaf of zij de beweringen van Driesen heeft gecheckt: “Wij hebben alles nagecheckt. Daar wil ik het graag bij laten.” 

‘Ik hou van mijn wijk’
Jannie van Leeuwen herkent haar buurt niet in de Telegraafartikelen: “Dat vind ik geen taal. Je scheert daarmee vooral de Marokkaanse bewoners over een kam, terwijl dat echt nooit mijn signaal is geweest.” Ook PvdA-raadslid Van den Heuvel vond de krant daarin te ver gaan. “Als onze stad volgend jaar economisch minder in trek is, dan moet De Telegraaf dat ook maar voor haar rekening nemen.” Volgens Van Leeuwen wordt het probleem door de media groter gemaakt dan het is:  “Ik hou van mijn wijk en wij wonen er echt met ontzettend veel plezier. Die jongens zijn best voor rede vatbaar als ze maar echt worden aangesproken op hun gedrag.” Toch wilde ze in het belang van de buurtbewoners en gemeente na de eerste berichtgeving niet in de publiciteit treden. “Ik had mijn twijfels of mijn goede woorden terecht zouden komen.” 

De clowns Knoef en Tomaat zochten ook bewust de media niet op. Volgens hun woordvoerder Arie Kraai varieerde de mediaberichtgeving “van een simpele feitenopsomming tot de wilde fantasie van Geenstijl.” Kraai vindt dat “Er zoveel scoringsdrang en frustratie bij journalisten is dat onze woorden zeker verkeerd gebruikt zouden zijn.” Ook de gemeente Gouda vindt de mediaberichtgeving over Oosterwei weinig genuanceerd. “Op lokaal niveau kun je makkelijker duiden dat Oosterwei maar uit een paar straten bestaat en dat de overlastgevende jongens een kleine groep zijn. Maar sommige landelijke media willen de overlast in Oosterwei ophangen aan de hele landelijke ‘Marokkanenproblematiek’,” aldus Ingrid Spuit, communicatiemedewerker van gemeente Gouda. 

De media-werkelijkheid
Uit de cijfers – die veelal ontbraken in de berichtgeving – blijkt dus dat de criminaliteit in Oosterwei de laatste jaren is afgenomen en dat de buurt door de jaren heen als minder onveilig wordt ervaren dan achterstandswijken in andere grote steden. In een reactie op de berichtgeving nuanceert de gemeente echter de cijfers, doordat “wijkbewoners die dagelijks last hebben van treitergedrag, er weinig aan [hebben] om te zien dat de cijfers een positieve ontwikkeling laten zien.” Desalniettemin draagt ook de aanhoudende negatieve berichtgeving, eveneens als in 2008 na ‘het busincident’, toe aan het gevoel van onveiligheid en overlast. 

Promovendus bestuurskunde Iris Korthagen schreef naar aanleiding van de Goudse mediahype in 2008 haar masterthesis over de relatie tussen nieuws en beleid. Het valt haar op dat de mediaberichtgeving over Gouda dit keer genuanceerder is dan toen: “De Telegraaf gebruikt nog steeds grote woorden als ‘straatterreur’, maar ik zie bij een krant als het NRC met het artikel “Opnieuw kijkt iedereen naar Gouda” een veel meer genuanceerde berichtgeving. Je zag vooral dat nu al veel sneller na het eerste nieuws een discussie in media – zoals het NRC – begon over de werkelijkheid zoals die door media als de Telegraaf en politici van de PVV werd verkondigd.” Korthagen vindt het een kwalijke zaak dat politici het gebrek aan nuance van bepaalde media overnemen. “Hierdoor ontstaat het gevaar dat politici beleid maken dat gebaseerd is op de media-werkelijkheid en niet op wat er werkelijk is gebeurd.” 

Minimediahype
Opvallend aan deze minimediahype was dat de directe betrokkenen van het bloembollenincident na de eerste berichten al snel uit het nieuws verdwenen. In het beeld van de buurt dat daarna ontstond, kwamen verschillende individuen en instanties aan het woord die ieder hun eigen belangen hadden. De recente berichtgeving over Oosterwei lijkt daardoor onterecht te zijn gekleurd doordat vluchtige indrukken van een buurt die al het stempel ‘fout’ draagt, als typerend worden aangevoerd, terwijl cijfers en beweringen die dat beeld nuanceren in twijfel worden getrokken. De Telegraaf was daarbij in toonzetting en bronnenselectie op zijn minst ongenuanceerd en bij vlagen sensatiezuchtig. Het AD was minder rechtlijnig maar rechtvaardigde met die nuance niet de overtrokken berichtgeving in de landelijke edities van een incident dat op zichzelf een zeer beperkte en vooral lokale nieuwswaarde heeft. Dat het incident in Oosterwei plaatsvond, maakt het niet meer nieuwswaardig; overlast van een kleine maar hardnekkige groep jongeren in een randstedelijke buurt is allerminst uniek.

AD zoekt problemen rond Amersfoortse moskee

Thursday, November 12th, 2009

Door Renée van der Nat en Jerry Vermanen

P1020174

Op 18 september verschijnt in het AD regio Utrecht een artikel met de kop ‘Ik schiet die hond dood!’ In de Amersfoortse wijk Liendert lopen de spanningen tussen buurtbewoners en bezoekers van de El Fathmoskee volgens de journalisten hoog op. “De sfeer rond de El Fathmoskee in Liendert is verziekt nadat een hondenbezitter is gemolesteerd door moskeegangers”, aldus het AD. Het artikel doet geloven dat de situatie rondom de El Fathmoskee in Liendert onhoudbaar is. Maar de moskee of de bezoekers daarvan komen niet aan het woord. Klopt dit verhaal wel? De nieuwscheckers reisden naar Amersfoort om het te controleren.

Kapotte bril

Het ontbreken van de bron doet vermoeden dat hier geen officiële instantie bij betrokken is. Een telefoongesprek met de politie Amersfoort bevestigt dit. Na wat speurwerk blijkt dat de tipgever de achterbuurvrouw van het slachtoffer is. Zij was afgestapt op twee AD-redacteuren (niet de schrijvers van dit artikel) die achter de moskee bezig waren voor een artikel over een gemeentebesluit over het voetpad. Deze tip leidde tot het artikel dat nu onder de loep ligt.

Dat er iets achter de moskee heeft plaatsgevonden is duidelijk, maar wie het incident is begonnen blijft schimmig. Het artikel in het AD heeft de verklaring van de buurtbewoners als waarheid aangenomen. De tipgeefster heeft regelmatig contact met het slachtoffer, dus er is geen sprake van een bron zonder belangen. Op de site van het AD schrijft ene Achmed22 dat hij aanwezig was bij het incident, en dat juist het slachtoffer het conflict begon. Hierdoor wordt het ‘zijn verhaal tegen het andere’. Welk verhaal is nu het juiste? AD-redacteur Leo de Vries: “Wij hebben het slachtoffer gesproken en de kapotte bril gezien. Daarnaast hebben we ook ooggetuigenverslagen. Ik zoek het altijd zelf uit. Wij staan op zakelijke voet met de betrokken partijen.”

Fietsende moskeebezoekers

In het artikel wordt sterk de nadruk gelegd op de onreinheid van honden in de moslimcultuur. Islamspecialist Martijn de Koning bevestigt dat honden weinig aanzien hebben bij moslims.  “Honden worden inderdaad beschouwd als onrein. Dat betekent dat ze er afstand van nemen, ze liever niet aanraken en ze niet in huis nemen.” Hij maakt wel een belangrijke kanttekening:  ”Je hebt verschillende niveau’s van afkeer. Als je zo anti-hond bent dat je iemand zijn bril van zijn hoofd slaat, vermijd je dit soort paden. Als het zodanig escaleert, lijkt het me dat er iets meer aan de hand is. Mijn eerste reactie na het lezen van het artikel was dat de moslims wel erg tot ‘moslims’ gereduceerd werden.” Volgens De Koning is de moslimgemeenschap net zo gevarieerd als de Nederlandse cultuur. Het is te makkelijk om een verklaring in de islam te zoeken.

kaart omgeving copy

Opmerkelijk is dat het artikel slechts uitgaat van fietsoverlast op het hondenuitlaatpad van de moskeebezoekers. De juiste zoekterm in Google of een wandeling door de buurt onthult dat de moskee niet als enige de fout in gaat. Het voetpad wordt namelijk ingeklemd door twee scholen: het ROC en het Meridiaan College. Een groot deel van de overlast wordt veroorzaakt door jongeren – onder wie ook moslimjongeren. Een hondenbezitster op het paadje laat weten dat dit inderdaad klopt: “Het probleem ligt bij de fietsers, en dat zijn lang niet altijd de moskeebezoekers. De scholieren die op dit pad fietsen, zijn vaak nog erg asociaal ook.”

‘Vroeger was de  buurt een stuk slechter’

P1020175 Hoe zit het dan met de spanningen in de wijk? Het artikel zet de moskee en de buurt tegenover elkaar, maar niets is minder waar. De buurt bestaat voor een groot deel uit moskeebezoekers. Meerdere buurtbewoners hebben dit bevestigd. Volgens het CBS bestaat de bevolking van de wijk Liendertsedreef voor 38 procent uit niet-westerse allochtonen. Het beeld van een Nederlandse wijk die problemen heeft met een moskee is dus verkeerd geschetst. Een Turkse buurtbewoner: “Hier wonen Turken, Marokkanen, Nederlanders, van alles wat.”

Is er dan sprake van spanningen tussen de autochtone en buitenlandse bewoners? In de wijk zijn wisselende geluiden te horen, maar het merendeel is positief over de huidige sfeer in de wijk. “Ik woon hier al veertig jaar en zit hier goed. Ik wil hier niet meer weg. Er zijn geen spanningen. Je hoort links en rechts wel eens wat, maar het valt enorm mee”, aldus een 79-jarige bewoonster. De plaatselijke fietsenmaker is het hier mee eens. “Vroeger was de buurt een stuk slechter, maar dat is erg verbeterd. De sfeer is nu goed. Ik heb het idee dat de media dit soort incidenten erger maken dan het is.”

Heftig geciteerd

Ondanks die positieve verhalen is er volgens opbouwwerkster Marieke van Krugten toch iets aan de hand. Het is alleen lang niet zo erg als in het artikel wordt geschetst:  ”Er is natuurlijk wel iets gebeurd. Dit soort spanningen komt wel voor in de buurt, maar ik vond het bericht wel vrij eenzijdig. Naar mijn mening heeft een journalist een controlefunctie. Ik miste een reactie van de moskee. Je ziet niet hoeveel arbeid de journalist erin heeft gestoken om ze te spreken te krijgen. Maar er zijn ook genoeg buurtbewoners die het geen enkel probleem vinden dat de moskee er staat. Die zijn nu niet voldoende in beeld gebracht.” Volgens Van Krugten geven de reacties van de overige geciteerden ook niet het juiste beeld. “Ik heb het idee dat er vrij heftig geciteerd is. Ik ken de negatieve geluiden uit de buurt, dus het klopt dat er tegenstanders zijn. Maar nu krijg je het idee dat de hele wijk er tegen is, en dat klopt niet.”

Eenzijdig

Het AD laat ook positieve geluiden horen uit Liendert.  Buurtbewoners Tini Hilhorst en Kelvin Hagebeek vinden het allemaal wel meevallen. Het commentaar van de allochtone buurtbewoner blijft afwezig. Leo de Vries vindt dat ook helemaal niet relevant voor het artikel: “Het probleem speelt zich af rond de moskee. Andere allochtone buurtbewoners hebben hier niets mee te maken.”

Maar ook de moskeebezoekers komen niet aan het woord.  ”We hebben wel geprobeerd wederhoor toe te passen,” zegt Leo de Vries, “maar de moskee heeft niet gereageerd.”  De Vries en Tomassen zijn tijdens hun onderzoek als eerste bij de moskee langs geweest, maar een reactie bleef uit. Na herhaaldelijk contact te hebben gezocht via e-mail, telefoon en het aanspreken van bezoekers komt er geen officieel standpunt van de moskee naar voren. Ook de Nieuwscheckers hebben dit ondervonden: de moskee is slecht bereikbaar en geeft geen commentaar.

Maar houdt het werk van de journalist daar op? Zijn er echt geen andere Liendertse moslims die commentaar willen geven op de gebeurtenissen? De Vries en Tomasen hebben wel allochtone bewoners aangesproken, zeggen ze, maar die vinden dat er geen probleem is of geven geen commentaar. Maar is de reactie ‘er is geen probleem’ geen goed commentaar?

Conclusie

De Nieuwscheckers komen tot conclusie dat het AD hier de nuance mist. Het staat buiten kijf dat er iets is gebeurd achter de El Fathmoskee, maar de toon en inhoud van het artikel sluiten niet aan bij onze eigen bevindingen van de sfeer en toestand in de wijk. Het lijkt erop dat deze ‘verziekte’ sfeer slechts een kleine groep buurtbewoners betreft. Een groep die zich al jaren verzet tegen de El Fathmoskee en die daar ook tegen lobbyt bij de krant en bij lokale politieke partijen.

Uit het onderzoek van de Nieuwscheckers is gebleken dat er geen groot probleem is in de wijk. Dit staat in directe tegenspraak met de reactie van Leo de Vries. Hij heeft uit zijn eigen onderzoek de conclusie getrokken dat er echt iets aan de hand is. Het is opmerkelijk dat er in het hele artikel geen moskeebezoekers of buitenlandse buurtbewoners aan het woord komen, terwijl de wijk toch voor een groot deel uit verschillende nationaliteiten bestaat. Een genuanceerder beeld was op zijn plaats geweest.

Nieuws over abortus bij elkaar geknipt en geplakt

Saturday, October 10th, 2009

Door Nicolien Pul

abortus_krantenAbortus breng toekomstige baby’s in gevaar‘, kopt het AD op 16 september op zijn website. Naast de missende ‘t’ in de kop valt dit bericht op om zijn inhoud. Het stuk is gebaseerd op een Canadees onderzoek naar de gevolgen van abortussen op latere zwangerschappen. In het bericht staat dat de onderzoekers voorzichtig willen zijn met het interpreteren van de resultaten. Die voorzichtigheid staat in contrast tot de stelligheid van de kop van het bericht. Een stelligheid die ook de geciteerde antiabortusorganisatie niet slecht uitkomt.

Niet alleen het AD publiceert over het onderzoek. Het nieuws haalt ook het Nederlands Dagblad en het Reformatorisch Dagblad, beide kranten met een christelijke inslag. Naar aanleiding van de berichten stelt PvdA-kamerlid Chantal Gill’ard op 21 september vragen aan de staatssecretaris van Volksgezondheid. Gill’ard vermoedt dat deze ‘ongenuanceerde berichtgeving’ onnodige angst veroorzaakt voor een abortusbehandeling. Heeft Gill’ard gelijk en is de berichtgeving ongenuanceerd?

Op zoek naar de bron
De berichten uit de drie kranten komen inhoudelijk erg overeen. De citaten zijn vrijwel identiek. Het bericht lijkt gebaseerd te zijn op een bron. Het Nederlands Dagblad noemt ‘persbureau EDP’. ‘EDP’ duikt ook op in het AD. Is EDP een persbureau en de bron van deze berichten? Na enig zoeken blijkt EDP de Belgische freelance journaliste Elke De Pourcq te zijn. Op de website van het Belgische ‘Het Laatste Nieuws’ staat een stuk van haar hand, ditmaal inclusief ‘t’ in de kop: ‘Abortus brengt toekomstige baby’s in gevaar‘. De Pourcq laat per email weten dat haar voornaamste bron een artikel is van The Daily Mail. Ook het citaat van de Britse antiabortusorganisatie komt uit dat verhaal. Zelf heeft De Pourcq niemand gesproken: “Iedereen die ik citeer, staat in het oorspronkelijke bericht”. Daarnaast heeft de Vlaamse journaliste informatie overgenomen uit een stuk op de website van The Guardian .

Knippen en plakken
Hebben de kranten het bericht overgenomen van De Pourcq of hebben ze zelf ook nog enige nieuwsgaring gedaan? Wim van Hengel, wetenschapsredacteur bij het Reformatorisch Dagblad, draait er niet omheen: “Een kort bericht als dit stel ik samen uit de primaire bron, dus de samenvatting van het onderzoek waar ik naar verwijs, en wat er verder over in de media verschenen is”. Hij erkent zijn slordigheid in het niet noemen van alle bronnen en geeft aan dit normaal wel te doen.

Ook het Nederlands Dagblad knutselde het stuk in elkaar door te knippen en te plakken. Deze krant vermeldt wel bronnen bij zijn citaten. Zo zou de antiabortusorganisatie het een en ander verklaard hebben tegenover persbureau EDP. Zoals eerder bleek is Elke De Pourcq geen persbureau en heeft zij niemand gesproken. Op de vraag hoe de journalist van het Nederlands Dagblad, Albert Heller, aan deze foute bron komt, antwoordt hij: “Dat heb ik ergens van overgenomen, stom dat ik dat niet gecheckt heb”. Voor de bron van de citaten van de onderzoeker verwijst hij in eerste instantie naar een podcast. Maar hoe kan het dan dat zijn citaten deels letterlijk overeenkomen met die in het bericht van De Pourcq, dat een dag eerder verscheen? Volgens Heller is hij het nieuws via, via op het spoor gekomen: “Misschien heb ik toch andere berichten gebruikt bij het schrijven van mijn stuk”.

Het AD was niet bereikbaar voor commentaar.

Geen abonnement
Roe v Wade, Flickr, I had an abortionTerug naar het onderzoek. Hebben de journalisten dat eigenlijk wel zelf ingezien? Beide kranten geven aan dat ze alleen de samenvatting hebben gelezen om de percentages te controleren. “Het tijdschrift waarin dit artikel is gepubliceerd, is heel specialistisch. Wij hebben daarop geen abonnement”, aldus het Reformatorisch Dagblad. Het had de wetenschapsredacteur niet veel moeite gekost om uit te vinden dat dit tijdschrift zonder abonnement toegankelijk is. Het onderzoek is gewoon gratis te downloaden.

De percentages die in het onderzoek worden genoemd, komen overeen met die in de verschillende krantenberichten. Maar de wetenschappelijke conclusies rechtvaardigen niet de strekking van de verschillende berichten. De uitspraak dat abortus ‘toekomstige baby’s in gevaar brengt’ volgt niet zo stellig uit het wetenschappelijke artikel. Ironische genoeg is de bezorgdheid die de onderzoekers uitspreken in de genoemde podcast, werkelijkheid geworden: In de berichtgeving gebruikt een antiabortusorganisatie het onderzoek om haar gelijk te halen, zonder recht te doen aan de wetenschappelijke nuances.

Christelijke belangen
Waarom hebben het Nederlands Dagblad en het Reformatorisch Dagblad het bericht in deze vorm geplaatst? Heeft de christelijke achtergrond van de kranten daarmee iets te maken? Het lijkt er wel op. “Het is een wetenschappelijke bevinding die behoorlijk relevant is. Wij willen dit onze lezers graag melden”, laat het Reformatorisch Dagblad weten. Heller van het ND is nog explicieter: “Abortus heeft vaak onze aandacht. Mogelijke negatieve berichtgeving over abortus is van belang voor onze lezers.”

Uitgangspunten
RSS
TIP ONS!
  • arbeid (6)
  • archeologie (3)
  • beurshandel (1)
  • biologie (5)
  • cultuur (6)
  • dagelijks leven (25)
  • economie (15)
  • financiën (2)
  • gezondheid (15)
  • journalistiek (3)
  • mediahype (6)
  • medisch (63)
  • milieu (3)
  • misdaad (28)
  • Multicultureel (7)
  • natuur (8)
  • oorlog (2)
  • pedagogiek (9)
  • politiek (9)
  • psychologie (30)
  • Psychopathie (2)
  • religie (5)
  • seksualiteit (5)
  • Slaap (1)
  • Social media (3)
  • Sport (2)
  • Tandheelkunde (4)
  • Technologie (5)
  • uiterlijk en gezondheid (4)
  • Uncategorized (9)
  • verkeer (6)
  • voeding (8)
  • wetenschap (58)
  • Zorg (4)
  • De Nieuwe Reporter
  • Hans van Maanen
  • Journalistiek & Nieuwe Media
  • FHJ Factcheck
  • Regret the Error
  • Snopes