Posts Tagged ‘Reformatorisch Dagblad’

Onderzoek homo-acceptatie was grabbelton voor journalisten

Monday, December 5th, 2011

door: Aida Brands

“Zoenende homo’s aanstootgevend”, kopte het Reformatorisch Dagblad op 6 september in een artikel over de homoacceptatie in Nederland. Trouw had diezelfde dag de kop “Homo’s in Nederland het meest geaccepteerd”. Gek genoeg baseerden beide kranten zich op hetzelfde onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), dat net verschenen was. Dit waren niet de enige verschillende berichten die dag. Ook de NOS (“Homo op werk vaak mikpunt van spot“) en het dagblad de Stentor (“Homo’s onveiliger door media”), hadden eigen homo-nieuws. Hoe is het mogelijk dat al deze media met zulke uiteenlopende interpretaties kwamen van hetzelfde onderzoek?  

De afgelopen maanden leeft de discussie over de acceptatie van homo’s in Nederland weer hevig op. Een aantal geweldsincidenten was reden voor het kabinet-Rutte om te kijken wat Nederlanders werkelijk vinden van homoseksualiteit. In opdracht van staatssecretaris Marja van Bijsterveldt startte het Sociaal Cultureel Planbureau twee onderzoeken. 

Twee onderzoeken op dezelfde dag 

Op dinsdag 6 september verschijnen vervolgens de resultaten van de onderzoeken onder leiding van onderzoekster Saskia Keuzenkamp. De twee lijken elkaar op het eerste gezicht tegen te spreken. In één onderzoek spreekt Keuzenkamp namelijk van stijging van de acceptatie van homoseksualiteit. Volgens dit onderzoek is Nederland zelfs de koploper van Europa. In het andere onderzoek komt juist naar voren dat bijna een derde van de homo’s zich gepest voelt op het werk. Bij lesbische vrouwen gaat het om 14 procent die negatieve reacties krijgt op het werk. 

Het lijkt vreemd om twee onderzoeken over hetzelfde onderwerp op dezelfde dag te publiceren. Vooral omdat deze niet eenduidig zijn over de acceptatie van de homo’s. Het SCP lijkt dit echter geen probleem te vinden. ,,De twee onderzoeken hebben het zelfde onderwerp, dus daarom publiceerden wij deze op dezelfde dag”, aldus SCP-voorlichtster Irma Schenk. Schenk zegt verder dat de twee rapporten niet tegenstrijdig hoeven te zijn. “Bovendien hebben wij de pers niet in de hand. Het komt wel vaker voor dat media de rapporten verkeerd oppikken”, aldus Schenk. 

Nieuws is een keuze 

Het feit is alleen dat geen enkele journalist het bij het verkeerde eind had. De journalisten lijken zich dan ook van geen kwaad bewust. Bert Monster, die er als redacteur bij het Reformatorisch Dagblad over schreef, zegt dat hij voornamelijk kijkt naar een interessant oogpunt. “Deze invalshoek heb ik zelf gekozen, maar ik kijk wel naar opvallende punten die er uitspringen en bij onze krant passen.” Trouw-redacteur Maaike van Houten deelt de mening van Monster: “Bij Trouw zijn wij niet bang het positieve in een verhaal te benaderen.” Nieuwswaardigheid staat centraal bij het schrijven van een artikel. Toch lijkt nieuwswaardigheid per journalist erg te verschillen. “Eigenlijk kun je uit nieuws kiezen wat het nieuws is”, zegt Van Houten, “de verschillende verhalen in de media zijn juist een voordeel, het is journalistieke vrijheid.” 

Dat lezers van verschillende kranten en nieuwssites daardoor een andere indruk krijgen van hetzelfde onderzoek, vindt Van Houten niet echt een probleem: “De waarheid is voor iedereen weer anders en is daarom toch maar relatief.” 

Betrouwbaarheid

Dat alle artikelen een deel van het SCP-onderzoek weergaven, wil nog niet zeggen dat ze allemaal even betrouwbaar waren. De meeste berichten beperkten zich tot een van de twee onderzoeken. Bij Trouw was de keuze snel gemaakt, nadat Van Houten had gesproken met onderzoekster Saskia Keuzekamp. “Het onderzoek over homo’s die gepest worden, was volgens de onderzoekster zelf niet helemaal betrouwbaar, omdat we niet kunnen zeggen dat homo’s vaker worden gepest dan hetero’s”, aldus Van Houten. Keuzekamp heeft namelijk niet onderzocht hoe vaak hetero’s op hun werk worden gepest. Betrouwbaarheid was ook een selectiecriterium bij het Reformatorisch Dagblad. “Het is niet dat ik dacht ‘dit verhaal van die homo’s hoeft er niet in’ maar er is weinig ruimte in de krant, dus dan kies je het leukst en het betrouwbaarst”, zegt Bert Monster. 

De NOS koos wel voor het onderzoek over gepeste homo’s op de werkvloer. Over de mogelijke onbetrouwbaarheid zegt redacteur Jurjen Boekraad: “Achteraf lijkt het er op dat het onderzoek niet grondig is gelezen en dat er kritischer naar gekeken had mogen worden.”

Inbrekers lezen vakantietweets, beweert beveiligingsbedrijf

Thursday, November 24th, 2011

door: Sean van der Steen en Marleen Stelling 

‘Fijne vakantie!’, twittert @inbreker aan de nietsvermoedende huiseigenaar die zojuist een vakantietweet plaatste. Verhalen over inbrekers zijn populair in de media en bovendien al zo oud als de weg naar Rome. Maar ze zijn niet altijd waar. Inbrekers lezen de kranten (niet) op zoek naar rouwadvertenties en ze merken je voordeur (niet) met krijt. Nu is het de beurt aan social media. Volgens het Reformatorisch Dagblad gebruikt ongeveer 80 procent van de inbrekers social media om onbewaakte huizen op te sporen. Nieuwscheckers concludeert: het zou kunnen, maar betrouwbaar onderzoek naar de omvang van het probleem ontbreekt. 

‘Inbreker kiest doelwit via Twitter en Facebook’, kopt de website van het Reformatorisch Dagblad op 5 oktober 2011. Journalist Pieter Ariese schrijft het nieuwsbericht op basis van de onderzoeksresultaten van het Britse beveiligingsbedrijf Friedland. Het onderzoek vindt plaats naar aanleiding van de UK Home Security Week, een week waarin aandacht gegeven wordt aan inbraakpreventie. Vijftig ex-inbrekers zou onder meer gevraagd zijn of de huidige generatie inbrekers gebruik maakt van social media bij de uitvoering van hun ‘vak’. 78 procent van de ex-inbrekers zou daarop een positief antwoord hebben gegeven.  

‘Inbrekers komen je huis leegroven’  

Herkomst en methode van het onderzoek roepen journalistieke vragen op. Het is uitgevoerd door een beveiligingsbedrijf; het staat doorspekt met tips voor inbraakalarmsystemen en raamsloten. Een groep ex-inbrekers laat zich uit over de werkzaamheden van huidige inbrekers. De ex-inbrekers geven aan wat volgens hen gevaarlijk is om als huiseigenaar te doen. En een van de gevaren, volgens de ex-inbrekers, is om op social media aan te geven waar je op dat moment bent. Nieuwscheckers neemt telefonisch contact op met beveiligingsbedrijf Friedland, maar een rapport waarin de wijze van onderzoek besproken wordt, blijkt niet beschikbaar. Meer dan het bericht op de website van het bedrijf krijgt Nieuwscheckers niet te pakken.  

Online veiligheid

Fokke & Sukke - foksuk.nl

Ook Ariese van het Reformatorisch Dagblad had zijn twijfels bij het nieuws. Hij vond de cijfers wat aan de hoge kant, maar besloot om de onderzoekswijze niet te belichten. Wel vermeldt hij dat het onderzoek gedaan is door een beveiligingsbedrijf. Ook ontdekt hij dat het onderzoek bij Sky News besproken is en besluit een expert – die in de uitzending aan bod komt – te citeren in zijn nieuwsbericht. “Sky News is een gerenommeerde media-organisatie waar journalisten hun werk doen”, verduidelijkt Ariese. “Als het een groter artikel in de krant was geworden, had ik wellicht de experts persoonlijk benaderd. Voor dit nieuwsbericht op de website heb ik dat niet gedaan.” De veiligheidsexperts die aan bod komen bij Sky News, waarvan er één werkzaam is bij Friedland en één bij Sky News zelf, krijgt Nieuwscheckers niet te spreken.  

Vertaalslag  

Het is niet de eerste keer dat er geroepen wordt dat het world wide web een gevaar kan zijn. Vanaf het moment dat internet toegankelijk is voor de gewone burger, is internetprivacy een heikel punt. Nicknames doen al snel hun intrede en de echte privacyfreaks versleutelen hun IP-adres zodat ook de gevorderde internetgebruiker in het ongewis blijft over hun identiteit. Met de komst van geotagging, het toevoegen van een locatie aan een bericht of foto, is ook je realtime whereabouts geen geheim meer – mits je gedwee invult waar je bent. Voor inbrekers kan dit een buitenkansje zijn om uit te vinden waar hun toekomstige slachtoffer zich bevindt.  

Maar hoe groot is die kans? Roy Johannink, senior adviseur bij veiligheidsadviesbureau VDMMP, die zijn twijfels al eerder uitte op weblog Frankwatching: “Dat is niet te zeggen, want er is geen onderzoek naar gedaan. Het Britse onderzoek vraagt ex-inbrekers of ze gebruik zouden maken van social media, en ongeveer 80 procent zegt ja. Vervolgens komt dat in het nieuws terecht als ‘80 procent van de inbrekers gebruikt social media’. Dat is precies een vertaalslag die niet mag worden gemaakt. Als ik jou vraag: ‘Kun je met de auto naar je werk?’ en je zegt ‘ja’, betekent dat niet dat je dat daadwerkelijk doet.”

Preventie 

De voorziening tot samenwerking Politie Nederland (vtsPN), waarin alle regionale korpsen en de KLPD vertegenwoordigd zijn, kent geen cijfers over inbrekers en hun gebruik van social media. Judith van der Zwan, woordvoerder bij politie Haaglanden, vertelt Nieuwscheckers dat de politie vooral actief is op het gebied van preventie. “In de wintermaanden wijzen we op het goed verlichten van je huis, en in de zomermaanden wijzen we op het gevaar van een ‘ik ben op vakantie’-voicemail. Ook waarschuwen we voor het ophopen van post voor de deur. Ik weet van geen onderzoek naar social media en inbrekers. Het lijkt me ook erg moeilijk te onderzoeken.”  

Journalist Pieter Ariese trekt de representativiteit van de vijftig ex-inbrekers voor het ‘inbrekersgilde’ in twijfel en weet geen gedegen onderzoeksrapport te achterhalen, maar besluit toch de resultaten te publiceren. “In het kader van een experiment van onze redactie met webverrijking”, zo zegt hij zelf. “Als webredactie zoeken we naar content die interessant is voor onze achterban. Voor mij was het signaal (pas op met het plaatsen van informatie op social media, inbrekers lezen mee) genoeg om het onderzoek mee te nemen. Veel mensen maken gebruik van social media, maar zijn zich niet bewust van de risico’s. Ik vind dat het ook mijn taak als journalist is om bepaalde ontwikkelingen te signaleren en om daarover te schrijven.”

Geen controversieel onderwerp? Dan is één bron genoeg

Thursday, November 19th, 2009

Door Desirée Hagens

vrouwTot een miljoen vrouwen heeft last van een vaginale verzakking, lezen we begin oktober in diverse media. Op 6 oktober meldt Sp!ts als eerste dat: “zo’n 800.000 tot 1 miljoen vrouwen licht tot zwaar ongemak van deze aandoening ondervinden. Door schaamte of onwetendheid lopen ze er mee door.” De berichten zijn gebaseerd op één bron, gynaecoloog Jan-Paul Roovers van het AMC.

Niet alleen Sp!ts schrijft over het onderwerp. Het ANP neemt het nieuws nog dezelfde dag over en publiceert twee berichten. Nu.nl, Parool, Telegraaf, Reformatorisch Dagblad en AD plaatsen deze stukken vervolgens letterlijk op hun websites. Het Reformatorisch Dagblad plaatst op 7 oktober een samenvatting van de twee ANP berichten in de krant. Een journaliste van het Reformatorisch Dagblad, Anca Boon, weet te vertellen dat Spits het nieuws heeft opgepikt uit het AMC magazine. Op 20 oktober schrijft zij voor de papieren editie van het Reformatorisch Dagblad meer over het onderwerp. Dit keer wordt het aantal vrouwen dat last heeft van vaginale verzakkingen genuanceerder gebracht: “Boven de veertig heeft naar schatting 40 procent van de vrouwen een verzwakte vaginawand. Zo’n 10 procent heeft daar ook echt last van.”

Schattingen juist
Bij een vaginale verzakking kan de blaas, de baarmoeder of het uiteinde van de dikke darm via de schede naar buiten zakken. Dit kan ontstaan wanneer het steunweefsel van de vagina verslapt. In de stukken staat dat bijna een miljoen vrouwen last heeft van deze aandoening, maar waar de cijfers op zijn gebaseerd blijft onduidelijk.

Een telefoontje met gynaecoloog Roovers leert dat de aantallen zijn overgenomen uit twee onderzoeken: een proefschrift van Marijke Slieker-ten Hove en een studie van Huub van der Vaart. Zij deden een jaar lang een onderzoek waarbij het aantal personen met de aandoening werd bepaald in een huisartsenpraktijk in Brielle en Zeist, een zogenaamde prevalentiestudie. Daar vroegen ze ieder, meer dan 1000 vrouwen die langskwamen of ze hen ook gynaecologisch mochten onderzoeken. De uitslagen van die testen zijn doorgevoerd naar de hele vrouwelijke populatie. Deze studies lijken beide betrouwbaar.

Naast gynaecoloog is Roovers ook medisch directeur van het in februari opgerichte AlantVrouw. In dit expertisecentrum voor bekkenbodemzorg voert hij operaties uit om vaginale verzakkingen te verhelpen. De geplaatste berichten zorgen indirect voor reclame van het centrum. Waarom besluit een krant om een verhaal te plaatsen waarvan de bron duidelijke belangen heeft? Anca Boon, de journaliste die het achtergrondverhaal van 20 oktober in het Reformatorisch Dagblad schreef, vertelt: “De aanleiding om het bericht in het Reformatorisch Dagblad te plaatsen waren de ANP berichten van 6 oktober. Niemand van de redactie heeft toen Roovers gesproken. Berichten kunnen vaak niet worden gecheckt door tijdgebrek. De wetenschapsredactie bestaat namelijk maar uit vier mensen.” Er waren verschillende afwegingen om het stuk te plaatsen, maar de belangrijkste reden om het te plaatsen was dat het vooral een interessant bericht was. “Voor mij was de bron ook nog een vraag,” aldus Boon.

Capaciteitsgebrek
De journaliste wilde graag een achtergrondartikel schrijven over vaginale verzakkingen. “Ik koos dit onderwerp omdat het veel mensen betreft, en het is een vrij onbekend probleem waar een taboe op rust. Een zoektocht in het archief van het Reformatorisch Dagblad gaf aan dat er nog nooit over was geschreven in deze krant. Mijn doel was om de lezers informatie te geven over het probleem. Wat is het? Wat kan er aan gedaan worden?”

Heeft Boon nog onderzoeken gelezen over het onderwerp? “Alle cijfers en informatie zijn gebaseerd op een interview met Roovers.” Zijn er andere experts geraadpleegd? “Nee, in dit geval niet. Als een onderwerp meer ter discussie staat, dan zou je wel twee à drie experts raadplegen.”

Het eerste artikeltje over vaginale verzakkingen is niet gecontroleerd door de redactie van het Reformatorisch Dagblad. Maar ook andere redacties zijn niet altijd even precies. Dat niet alle berichten die in de krant terechtkomen juist zijn, lijkt te komen door capaciteitsgebrek. “Soms staan er dingen in waarvan je denkt, die kloppen niet helemaal. Onderbemanning is reden voor onzorgvuldigheid,” concludeert Boon.

Nieuws over abortus bij elkaar geknipt en geplakt

Saturday, October 10th, 2009

Door Nicolien Pul

abortus_krantenAbortus breng toekomstige baby’s in gevaar‘, kopt het AD op 16 september op zijn website. Naast de missende ‘t’ in de kop valt dit bericht op om zijn inhoud. Het stuk is gebaseerd op een Canadees onderzoek naar de gevolgen van abortussen op latere zwangerschappen. In het bericht staat dat de onderzoekers voorzichtig willen zijn met het interpreteren van de resultaten. Die voorzichtigheid staat in contrast tot de stelligheid van de kop van het bericht. Een stelligheid die ook de geciteerde antiabortusorganisatie niet slecht uitkomt.

Niet alleen het AD publiceert over het onderzoek. Het nieuws haalt ook het Nederlands Dagblad en het Reformatorisch Dagblad, beide kranten met een christelijke inslag. Naar aanleiding van de berichten stelt PvdA-kamerlid Chantal Gill’ard op 21 september vragen aan de staatssecretaris van Volksgezondheid. Gill’ard vermoedt dat deze ‘ongenuanceerde berichtgeving’ onnodige angst veroorzaakt voor een abortusbehandeling. Heeft Gill’ard gelijk en is de berichtgeving ongenuanceerd?

Op zoek naar de bron
De berichten uit de drie kranten komen inhoudelijk erg overeen. De citaten zijn vrijwel identiek. Het bericht lijkt gebaseerd te zijn op een bron. Het Nederlands Dagblad noemt ‘persbureau EDP’. ‘EDP’ duikt ook op in het AD. Is EDP een persbureau en de bron van deze berichten? Na enig zoeken blijkt EDP de Belgische freelance journaliste Elke De Pourcq te zijn. Op de website van het Belgische ‘Het Laatste Nieuws’ staat een stuk van haar hand, ditmaal inclusief ‘t’ in de kop: ‘Abortus brengt toekomstige baby’s in gevaar‘. De Pourcq laat per email weten dat haar voornaamste bron een artikel is van The Daily Mail. Ook het citaat van de Britse antiabortusorganisatie komt uit dat verhaal. Zelf heeft De Pourcq niemand gesproken: “Iedereen die ik citeer, staat in het oorspronkelijke bericht”. Daarnaast heeft de Vlaamse journaliste informatie overgenomen uit een stuk op de website van The Guardian .

Knippen en plakken
Hebben de kranten het bericht overgenomen van De Pourcq of hebben ze zelf ook nog enige nieuwsgaring gedaan? Wim van Hengel, wetenschapsredacteur bij het Reformatorisch Dagblad, draait er niet omheen: “Een kort bericht als dit stel ik samen uit de primaire bron, dus de samenvatting van het onderzoek waar ik naar verwijs, en wat er verder over in de media verschenen is”. Hij erkent zijn slordigheid in het niet noemen van alle bronnen en geeft aan dit normaal wel te doen.

Ook het Nederlands Dagblad knutselde het stuk in elkaar door te knippen en te plakken. Deze krant vermeldt wel bronnen bij zijn citaten. Zo zou de antiabortusorganisatie het een en ander verklaard hebben tegenover persbureau EDP. Zoals eerder bleek is Elke De Pourcq geen persbureau en heeft zij niemand gesproken. Op de vraag hoe de journalist van het Nederlands Dagblad, Albert Heller, aan deze foute bron komt, antwoordt hij: “Dat heb ik ergens van overgenomen, stom dat ik dat niet gecheckt heb”. Voor de bron van de citaten van de onderzoeker verwijst hij in eerste instantie naar een podcast. Maar hoe kan het dan dat zijn citaten deels letterlijk overeenkomen met die in het bericht van De Pourcq, dat een dag eerder verscheen? Volgens Heller is hij het nieuws via, via op het spoor gekomen: “Misschien heb ik toch andere berichten gebruikt bij het schrijven van mijn stuk”.

Het AD was niet bereikbaar voor commentaar.

Geen abonnement
Roe v Wade, Flickr, I had an abortionTerug naar het onderzoek. Hebben de journalisten dat eigenlijk wel zelf ingezien? Beide kranten geven aan dat ze alleen de samenvatting hebben gelezen om de percentages te controleren. “Het tijdschrift waarin dit artikel is gepubliceerd, is heel specialistisch. Wij hebben daarop geen abonnement”, aldus het Reformatorisch Dagblad. Het had de wetenschapsredacteur niet veel moeite gekost om uit te vinden dat dit tijdschrift zonder abonnement toegankelijk is. Het onderzoek is gewoon gratis te downloaden.

De percentages die in het onderzoek worden genoemd, komen overeen met die in de verschillende krantenberichten. Maar de wetenschappelijke conclusies rechtvaardigen niet de strekking van de verschillende berichten. De uitspraak dat abortus ‘toekomstige baby’s in gevaar brengt’ volgt niet zo stellig uit het wetenschappelijke artikel. Ironische genoeg is de bezorgdheid die de onderzoekers uitspreken in de genoemde podcast, werkelijkheid geworden: In de berichtgeving gebruikt een antiabortusorganisatie het onderzoek om haar gelijk te halen, zonder recht te doen aan de wetenschappelijke nuances.

Christelijke belangen
Waarom hebben het Nederlands Dagblad en het Reformatorisch Dagblad het bericht in deze vorm geplaatst? Heeft de christelijke achtergrond van de kranten daarmee iets te maken? Het lijkt er wel op. “Het is een wetenschappelijke bevinding die behoorlijk relevant is. Wij willen dit onze lezers graag melden”, laat het Reformatorisch Dagblad weten. Heller van het ND is nog explicieter: “Abortus heeft vaak onze aandacht. Mogelijke negatieve berichtgeving over abortus is van belang voor onze lezers.”

Uitgangspunten
RSS
TIP ONS!
  • arbeid (6)
  • archeologie (3)
  • beurshandel (1)
  • biologie (5)
  • cultuur (6)
  • dagelijks leven (25)
  • economie (15)
  • financiën (2)
  • gezondheid (15)
  • journalistiek (3)
  • mediahype (6)
  • medisch (63)
  • milieu (3)
  • misdaad (28)
  • Multicultureel (7)
  • natuur (8)
  • oorlog (2)
  • pedagogiek (9)
  • politiek (9)
  • psychologie (30)
  • Psychopathie (2)
  • religie (5)
  • seksualiteit (5)
  • Slaap (1)
  • Social media (3)
  • Sport (2)
  • Tandheelkunde (4)
  • Technologie (5)
  • uiterlijk en gezondheid (4)
  • Uncategorized (9)
  • verkeer (6)
  • voeding (8)
  • wetenschap (58)
  • Zorg (4)
  • De Nieuwe Reporter
  • Hans van Maanen
  • Journalistiek & Nieuwe Media
  • FHJ Factcheck
  • Regret the Error
  • Snopes